DE OLYMPISCHE NIEUWSBRIEVEN

Nummer 110, 2 oktober 2000


Inhoud
1. Zinloze VN-resolutie Olympische Vrede
2. Conferentie sportgeschiedenis in Olympisch Stadion
3. Records
4. Olympische Oorlog: vrouwen doen het zelf
5. Olympische Helden: in alles een held
6. Het citaat
7. Olympische Helden: de oer-held
8. Het citaat
9. Nieuw!!
10. Het historische hebbeding

ZINLOZE VN-RESOLUTIE OLYMPISCHE VREDE
De Olympische Spelen moeten een symbool zijn voor verdraagzaamheid en vrede als goed voorbeeld voor de jeugd. Dat vinden ook de Verenigde Naties, die op 24 november 1999 unaniem een resolutie ondersteunden, waarin wereldwijd wordt opgeroepen alle vijandelijkheden te staken als de Spelen in Sydney zouden plaatsvinden. In 1993 werd de tekst voor deze oproep voor de eerste keer geformuleerd en staat bol van idealen. "Wij roepen op voor een staakt-het-vuren tijdens de Spelen, om de jeugd te mobiliseren voor de vrede."
In de klassieke tijd van de Olympische Spelen was het de gewoonte dat ruim voor aanvang speciale koeriers vanuit het gebied van Olympus vertrokken om door het hele land de Spelen aan te kondigen. Meteen daarop werd een Ekecheiria afgekondigd, een Olympische vrede die moest garanderen dat de sporters ongestoord konden reizen om het sportevenement te bereiken. Met die gedachte waren de Verenigde Naties tot hun daad gekomen.
De Amerikaanse VN-vertegenwoordiger Hugh Dugan benadrukte daarom tijdens de behandeling van de oproep vorig jaar het belang ervan: "Wij hebben een machtig voorbeeld gegeven aan de jongeren van deze wereld als het gaat om het zweren van de Olympische wapenstilstand." Zo ook de Argentijn Fernando Petrella: "Wij geloven dat het Olympische ideaal moet worden gebruikt om tolerantie, solidariteit en de waardigheid van het menselijke ras te promoten. Sport kan worden ingezet om te strijden tegen honger, armoede, werkloosheid en het schenden van de mensenrechten." Daar alle aanwezigen het daarmee eens waren, werd zonder stemming door alle 180 leden de resolutie aangenomen.
Op 31 augustus 2000 bevestigde secretaris-generaal Kofi Annan voor alle duidelijkheid deze visie: "Ik ondersteun de Algemene Vergadering in de oproep aan alle oorlogvoerende landen om de Olympische wapenstilstand te overwegen. Dat mag onrealistisch klinken, maar zoals een atleet weet, gebeurt niets zonder een droom."
Nog geen maand later wordt deze droom echter verstoord door onder andere Nederland, dat ook de oproep ondersteunde. Zijn er minder delicten geweest door de Spelen? Voelt Nederland zich geroepen de VN-leden aan te spreken indien ze zich niet houden aan deze wapenstilstand? "Wat moet ik daar nu op zeggen?" reageert een woordvoerder van Buitenlandse Zaken op deze vragen. "Dit soort oproepen kunnen niet worden afgedwongen, omdat er geen sanctie aan is verbonden bij overtreding. En ik weet niet of wij ons geroepen voelen om de leden aan te spreken als ze zich er niet aan houden. Wij hadden die resolutie tenslotte niet ingediend. Het is wel aangehaald bij informele gesprekken in New York, maar niet op officieel niveau."
Maar waarom wordt die oproep dan ingediend en waarom doet Nederland mee? "Ach, zo gaat dat nu eenmaal. In 1993 was het allemaal nog nieuw, maar nu is het een verplicht nummertje geworden."
Allemaal verheven woorden voor niets om een goed voorbeeld te geven aan die teerbeminde jongeren van deze wereld. Afspraken niet nakomen geeft niet zolang het een verplicht nummertje is.
(NRC Handelsblad, 30 september 2000)

CONFERENTIE SPORTGESCHIEDENIS IN OLYMPISCH STADION
Op zaterdag 11 november organiseert Stichting de Sportwereld in Vak Zuid in het Olympisch Stadion in Amsterdam het lustrumcongres 'Langs de lijn van het verleden'. Directe aanleiding is het vijfjarig bestaan van de stichting, die in die tijd het onderzoek naar sportgeschiedenis in Nederland heeft gestimuleerd en aangemoedigd. Naast een aantal sprekers wordt hier ook het eerste exemplaar van het boek 'In het spoor van de sport. Hoofdlijnen uit de Nederlandse geschiedenis' overhandigd aan Jan Bank, hoogleraar Vaderlandse Geschiedenis.
Het programma wordt om 13 uur geopend door dagvoorzitter Heinze Bakker en duurt tot 17 uur. Voor aanvang is er de mogelijkheid een rondleiding te krijgen door het Stadion en in de pauze en na afloop is er een boekenmarkt sportgeschiedenis. De sprekers zijn Jan Rijpstra (VVD-kamerlid over de relatie tussen sport en politiek), Peter Los (student over sport en gymnastiek op de Koninklijke Militaire Academie), Maurits Nibbering (kunsthistoricus over het belang van het sportieve culturele erfgoed), Gerrit Valk (PvdA-kamerlid over ervaringen met sporthistorisch onderzoek), Michel Rehwinkel (redacteur Haarlems Dagblad over moderne sport in Haarlem), Theo Stevens (universitair docent over het elitaire karakter van de 19e eeuwse wielrensport) en ondergetekende over de schaalvergroting van het voetbal in historisch perspectief.
De toegang is f30,- aan de deur (als er nog plaats is daarachter), f25,- bij voorinschrijven en f20,- voor leden van de Stichting en studenten.
Inschrijven kan via pejemol@hotmail.compejemol@hotmail.com of door te bellen naar 020-6928903 (Wilfred van Buuren) of 020-4215141 (Peter-Jan Mol)

RECORDS
Het heeft pas zin om over records te spreken als alle voorwaarden op alle plekken op elk mogelijk tijdstip hetzelfde zijn. Vandaar dat er een maximaal aantal meters rugwind per seconde is toegestaan, om te voorkomen dat een atleet tijdens een cycloon een supertijd loopt. Dat inzicht bestond niet meteen op de Olympische Spelen, maar groeide per editie.
In 1908 in Londen ontdekte het IOC dat het belangrijk is een jury te hebben, die niet alleen uit mensen van het organiserende land bestaat. Vooral Groot-Brittannië en de Verenigde Staten hadden dat jaar veel conflicten hierover, omdat de puur Britse jury enkele malen opvallend mild was voor landgenoten. Dat gebeurde zowel op de 400 meter atletiek als het touwtrekken - toen nog een Olympische sport. Dat was dus de laatste keer dat het zo werkte op de Spelen: vanaf 1912 kwamen de leden overal vandaan.
Verder moeten de condities altijd hetzelfde zijn: de marathon was tot 1908 veertig kilometer lang, totdat in 1908 plots ruim twee kilometer werd toegevoegd omdat het Koninklijk Huis zo graag de start voor het kasteel wilde hebben. Die afstand is nooit meer gewijzigd, zodat we de marathon van 2000 kunnen vergelijken met die van 1908. Want als we nu weer een andere afstand moeten lopen, is het onmogelijk om vergelijkingen te trekken.
Want records zijn toch wel vreemd: het geeft de sporter van nu nog steeds de kans in een fictieve race te winnen van iemand uit 1928, die al lang is overleden.
(NRC Handelsblad, 30 september 2000)

OLYMPISCHE OORLOG: VROUWEN DOEN HET ZELF
Deze Spelen stond in het teken van de vrouwelijke sporters, die veel aandacht voor zich opeisten. In 1896 deden ze niet mee, alhoewel het verhaal gaat dat de Griekse atletes Melpomene en Stamata Revithi dat jaar op één of andere manier ook de marathon hebben gelopen. Op 28 juni 1900 deden voor de eerste keer officieel vrouwen mee aan de Spelen.
Omdat tot 1928 vrouwen niet werden toegelaten bij het atletiek, besloten ze hun eigen organisatie 'Fédération Sportive Feminine Internationale' FSFI op te richten. Die organiseerde in 1922 in Parijs en in 1926 in Göteborg hun eigen 'Dames-Spelen', waarna de atletiekfederatie IAAF instemde om in 1928 in Amsterdam mee te mogen doen.

OLYMPISCHE HELDEN: IN ALLES EEN HELD
Charles Pahud de Mortanges heeft alles meegemaakt: als militair was hij in de Tweede Wereldoorlog bij de invasie in Normandië. Als Nederlands afgevaardigde bij de 'military' won deze ruiter vier gouden medailles, en één zilver, op de Spelen van 1924, 1928 en 1932. In 1946 werd hij voorzitter van het Nederlands Olympisch Comité, met de wederopbouw als zijn grote interesse. In datzelfde jaar werd hij ook IOC-lid, waar hij erelid werd. Hij maakte vooral indruk toen hij in 1948 erin slaagde een Nederlandse ploeg naar Londen te sturen, in de tijd van grote schaarste. Met recht een Olympisch monument, dus.
(Algemeen Dagblad, 30 september 2000)

HET CITAAT
"Duimen jullie voor me dat ik hier zonder kleerscheuren vanaf kom."
Pahud de Mortanges in 1960 voordat hij Anton Geesink vertelde dat hij wegens amateurbepalingen niet mocht meedoen als worstelaar aan de Spelen in Rome.

OLYMPISCHE HELDEN: DE OERHELD
De vader van de moderne Olympische gedachte Pierre de Coubertin zal zich in 1912 bijzonder goed hebben gevoeld toen ook hij een gouden medaille won. Niet als sporter, maar voor het gedicht 'Ode to Sport'. In die tijd werden namelijk ook medailles uitgereikt voor kunstobjecten die de Spelen als inspiratiebron hadden.
Behalve als drijvende kracht achter de Spelen, liet hij veel achter wat nu tot de tradities behoort. De Coubertin ontwierp de Olympische vlag, met de vijf gekleurde ringen, die in 1920 werd geïntroduceerd. In 1937 overleed hij. Zijn lichaam is begraven in Lausanne, zijn hart in Olympia.
(Algemeen Dagblad, 2 oktober 2000)

HET CITAAT
"Laat ons roeiers, atleten en schermers exporteren; het zal de vrijhandel van de toekomst zijn."
De Coubertin in 1892 in een toespraak voor een Franse sportfederatie.

NIEUW!!
In 1924 in Parijs werd voor het eerst het Olympische Motto 'Citius, Altius, Fortius' gebruikt, ofwel 'sneller, hoger, sterker'. Het was de dominicaanse monnik Henri Martin Didon, die deze woorden als eerste had gebruikt, waarna De Coubertin ze overnam.

HET HISTORISCH HEBBEDING
Op 2 oktober 1897 is de Nederlandse motorrijder Jacob Eelke Fijma geboren. Van 1934 tot en met 1939 is hij Nederlands kampioen. Verder doet hij mee aan twaalf TT's, tien zesdaagsen (waarvan er drie zijn gewonnen) en tien Dumonceauritten.

EN TOEN
was dit het laatste nummer dat in het teken stond van de Olympische Spelen. 'Uit het veld' is over een dikke twee weken weer terug, want na zo veel Olympische geschiedenis is het moment rijp om de volgende Olympische gastheer alvast met een bezoekje te vereren.


Nummer 109, 29 september 2000


Inhoud
1. Nederland meer sportgek dan Australië
2. Succesvolle kaartverkoop op Spelen
3. 'Handkus en dan wegwezen'
4. De filosofie van de goede winnaar
5. Olympische Oorlog: touwtrekken om schoenen
6. Olympische helden: een hele familie
7. Het citaat
8. Nieuw!!
9. De vraag
10. Het historische hebbeding

NEDERLAND MEER SPORTGEK DAN AUSTRALIE
In Australië hebben de televisiemaatschappijen niets te klagen, in tegenstelling tot hun Amerikaanse collega's. Alle nationale records zijn gebroken gedurende de afgelopen weken wat betreft het aantal kijkers. Van de 19 miljoen inwoners Down Under hebben ruim 16 miljoen minstens één keer gekeken naar een uitzending over de Spelen.
De openingsceremonie werd gevolgd door ruim tien miljoen mensen, waarmee eveneens een record is gevestigd dat volgens verwachting voorlopig niet zal worden gebroken. Opvallend is het aantal kijkers in verhouding tot het aantal inwoners, want in vergelijking met Nederland doet Australië het slechter dan hier. Tijdens het WK Voetbal in Frankrijk in 1998 keken namelijk zo'n 11 miljoen mensen hier naar de halve finale tussen Nederland en Brazilië. Omdat hier 15 miljoen potentiële kijkers zijn, betekent dat in Nederland zowel relatief als absoluut meer inwoners naar sport kijken op de belangrijkste momenten. Zijn we dan toch echt sportgek?

SUCCESVOLLE KAARTVERKOOP OP SPELEN
Sportdatabureau Infostrada, die op de Spelen de statistieken verzorgt voor het organisatiecomité SOCOG, heeft berekend wat de opbrengsten zijn uit de kaartverkoop voor het stadion. Gisteren, op de zesde dag van het atletiektoernooi, werd bezoeker nummer miljoen geteld. Dat betekent dat tot gisteren voor ruim 54 miljoen euro aan kaarten was verkocht in het stadion, waar maximaal 112.524 toeschouwers in kunnen. Hoogtepunt was afgelopen maandag toen Cathy Freeman haar finale liep.

'HANDKUS EN DAN WEGWEZEN'
Medewerkers van het vliegveld in Sydney zijn niet gerust op de massale uittocht als de Spelen zijn afgelopen. Daarom worden de reizigers die maandag zullen vertrekken met klem verzocht geen tijdrovende bezigheid te maken van het afscheid nemen of, voor zij die toevallig die dag aankomen, het elkaar verwelkomen. Die maandag zal volgens verwachting de drukste dag allertijden worden voor het vliegveld als 28.000 mensen willen vertrekken.
Houdt rekening met vertragingen en omleidingen.

DE FILOSOFIE VAN DE GOEDE WINNAAR
In de straten van Athene vertelde een Griekse filosoof mij deze zomer over een belangrijk aspect van de klassieke Spelen: na een overwinning dankte de winnaar de verliezer voor zijn deelname aan de wedstrijd. Alle aandacht ging in eerste instantie dan ook uit naar degene die het onderspit had gedolven. Niet om nog een schop na te geven, maar om de waarde van de winnaar op zijn reële waarde te schatten.
Het principe is simpel: winnen zonder tegenstander is onmogelijk. De krachten kunnen pas worden gemeten als er minimaal één andere deelnemer is. Abstracte begrippen als schoonheid, kracht en winst krijgen pas waarde in relatie tot hun omgeving. Iets is mooi, als er ook objecten bestaan die dat niet of minder zijn. Daarom is een overwinning pas mogelijk, als er iemand is die niet heeft gewonnen. Door de verliezer expliciet te danken voor zijn deelname aan de strijd, was iedereen zich daarvan bewust.
In de moderne sport is echter alleen maar aandacht voor de winnaar en vergeten we deze onderlinge relatie. Dat terwijl deze 'win-filosofie' steeds belangrijker wordt met de schaalvergroting van de sport. Want winnen op mondiaal niveau geeft meer waarde omdat er meer tegenstanders zijn verslagen. Het verschil tussen een makkelijk bevochten zege op een dorpskampioenschap en een zenuwslopende strijd voor een wereldtitel zal iedereen begrijpen. Hoe meer verliezers, hoe groter de winst. De belangen in en rond de sport groeien snel en de kampioenen komen daarom steeds meer in aanzien. Het belangrijkste principe in de sport wordt daarom vergelijkbaar met economie: rijkdom is geconcentreerde armoede.
(NRC Handelsblad, 29 september 2000)

OLYMPISCHE OORLOG: TOUWTREKKEN OM SCHOENEN
Zoals deze nieuwsbrief vorige week al aanhaalde, hadden de Engelsen en Amerikanen het aan de lopende band met elkaar aan de stok op de Spelen van 1908 in Londen. Amerikaanse vlag kwijt en onaardig zijn tegen de koning waren enkele van die incidenten. Ook tijdens een duel in het touwtrekken - ja, toen nog Olympisch - ontstond een meningsverschil.
De Britten droegen namelijk zwaar beslagen schoenen om zich vast te zuigen in de grond, waar de tegenstanders veel lichter schoeisel hadden. De Amerikanen protesteerden, maar tevergeefs. "Deze schoenen dragen we altijd," luidde het verweer waarmee de jury - allemaal Britten - instemde. Daarop vertrok de Amerikaanse ploeg en liet het touw verder met rust.

OLYMPISCHE HELDEN: EEN HELE FAMILIE
De Amerikaanse roeier Jack Kelly werd in eerste instantie uitgesloten van de Henley Regatta, één van de belangrijkste wedstrijden, omdat hij een metselaar was en volgens de organisatie daarom geen amateur. Zijn hele leven was hij hierover verbitterd, ondanks drie gouden medailles op de Spelen van 1920 en 1924.
Pas toen zijn zoon John in 1947 wél de Regatta won, kreeg Jack weer kleur in het gezicht. John won verder nog brons op de Spelen van de 1956. Vader had überhaupt een goed nagelacht, want zijn dochter Grace werd na een filmcarrière Prinses van Monaco.
(Algemeen Dagblad, 29 september 2000)

HET CITAAT
"Zeg aan uw koning dat ik kom als ik mijn haar heb gekamd!"
De Franse atleet Joseph Guillmot op de Spelen van 1920 tegen de vleugeladjudant van de Belgische koning Albert.

NIEUW!!
Op de Spelen van 1936 in Berlijn was voor de eerste keer televisie aanwezig, maar nog op kleine schaal. In 1960 in Rome echter was dit medium voor de eerste keer volwassen, in tegenstelling tot de organisatie die geen rekening had gehouden met de massale toeloop van TV-persmuskieten en niet in staat was onderdak te bieden. "We hadden beter met drie man kunnen komen," klaagden de verslaggevers dan ook, die uiteindelijk maar verslag deden via een televisie op hun hotelkamer. Speelde de TV dus toch een belangrijke rol.

DE VRAAG
Wat maakte de Spelen van 1960 en 1964 zo bijzonder? Hoe werd dat tot uiting gebracht door de organisatoren? Dat was de laatste vraag die werd gesteld deze Spelen.
Zowel in 1960 in Rome als vier jaar later in Tokio waren de Spelen in een land, die tijdens de Tweede Wereldoorlog waren verslagen. Ze kregen dus een kans om zich te bewijzen in de nieuwe verhoudingen van na de oorlog. Dat kwam tot uiting via symbolen: in Rome werden de Spelen afgehandeld in een adembenemend klassieke omgeving van duizenden jaren oud. Er waren vooraf wel mensen die bang waren voor vuige Italiaans-nationalistische propaganda, net zoals de communisten vreesden dat het Vaticaan de wereld zou overspoelen met Westerse praatjes. Maar niets van dat al.
In Tokio was fakkeldrager Yoshinori Sakai het symbool. Hij was een negentienjarige student, die in Hiroshima werd geboren op de dag dat de atoombom de stad vernietigde. Door deze Spelen investeerde het land tevens gigantisch in een nieuwe infrastructuur, waardoor dit ook een symbool is geworden van de na-oorlogse periode.

HET HISTORISCHE HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.
Op de kop af een eeuw geleden voetbalde Ajax voor de eerste keer in competitieverband. In een uitwedstrijd tegen DOSB werd met 1-2 gewonnen. De zes wedstrijden dat seizoen werden afgesloten met 10 punten, waarmee Ajax tweede werd. Eerste was Volharding met het opvallende doelsaldo van zestig voor en negen tegen. Waarschijnlijk heeft deze ploeg genadeloos AFC 2 afgeslacht, want die eindige op een zielige laatste plaats met 62 doelpunten tegen en één voor. Wat zal het geweest: 25-0?


Nummer 108, 28 september 2000


Inhoud
1. Internet verslaat Amerikaanse TV
2. Olympische Oorlogen: een vreemd land en een vulkaan
3. Uit den ouden doosch: Olympische ramsj
4. Olympische helden: 'Killer gymnastics'
5. Het citaat
6. Nieuw!!
7. De vraag
8. Het historische hebbeding

INTERNET VERSLAAT AMERIKAANSE TV
Het Amerikaanse televisiestation NBC heeft grote problemen met de kijkcijfers van de Olympische Spelen. Een van de verklaringen die wordt gegeven is dat de uitzendingen vertraagd worden uitgezonden vanwege het nachtelijk tijdstip in de VS waarop de wedstrijden plaatsvinden. Op het moment zelf wordt geen enkele aandacht geschonken en wordt tijdens de verlate-rechtstreekse uitzending bijna gedaan alsof alles nieuw is. Bijna, want door de extra uren hebben de makers voldoende tijd om vertragingen en met name commercials erin te plakken, wat het nog oninteressanter maakt. Kijkers uit grensgebieden vluchten naar de stations van de buurlanden en ook wordt veel meer naar de radio geluisterd of kranten gelezen. Maar de opmars van internet is indrukwekkend, aangespoord door het gedrag van NBC.
De officiële site www.olympics.com heeft volgens de makers wereldwijd ruim zes miljard 'hits' gehad tot afgelopen zondag. Twee jaar geleden op de Winterspelen in Nagano bekeken 634 miljoen de site. Ook andere Olympische sites hebben veel bezoekers gehad.
Het meeste internet-verkeer in de VS is overdag, rond een uur of vier in de middag. Als diezelfde mensen echter hadden moeten wachten tot NBC eindelijk eens de lucht ingaat, hadden ze nog een hele dag voor zich. Om de aktualiteit te volgen, heeft internet dus een belangrijke plaats ingenomen - misschien wel de allerbelangrijkste.
De kijkcijfers in de VS dalen dientengevolge: ten opzichte van Atlanta is er een daling van 35% en - om een iets meer eerlijke vergelijking te geven wat betreft het tijdstip van uitzending - een achteruitgang van 21% ten opzichte van Barcelona 1992.

OLYMPISCHE OORLOGEN: EEN VREEMD LAND EN EEN VULKAAN
De Spelen van 1908 zouden niet Londen worden gehouden, maar in Rome. Londen had op het IOC-congres van 1904 niet eens belangstelling: het zou of Berlijn of Rome worden. Na persoonlijk ingrijpen van De Coubertin werd het de Italiaanse stad, die in 1906 toch opeens bedankte. Wat er precies aan de hand is geweest, is onduidelijk, maar er wordt vermoed dat de Italiaanse organisatie door financiële problemen de handdoek in de ring gooiden.
Daarvoor zou als excuus zijn gebruikt dat de uitbarsting van de vulkaan de Vesuvius in 1906 zo veel schade had aangericht dat de organisatie onmogelijk was geworden. Het zal waarschijnlijk een combinatie van factoren zijn geweest, waar we nooit achter zullen komen, omdat ook De Coubertin er niets over zei in zijn memoires.
Een opvallende deelnemer in 1908 was de Bohemen, dat onderdeel uitmaakte van de dubbel-monarchie Oostenrijk-Hongarije, gelegen in het gedeelte van het huidige Oostenrijk. Het 'moederland', en met name Oostenrijk, was hiermee absoluut niet gelukkig, omdat dat gebied wel eens zou kunnen denken dat het onafhankelijk ook wel eens zou kunnen overleven. De Bohemen waren in die tijd ook lid van onder andere de wereldvoetbalbond FIFA, totdat de Oostenrijkers uiteindelijk de officials ervan overtuigden dat dat toch echt niet kon.

OLYMPISCHE HELDEN: 'KILLER GYMNASTICS'
De Russische turnster Olga Korbut beheerste de Spelen van 1972 en 1976. Als reserve toegevoegd aan het nationale team maakte ze eerst nog twee grote fouten op de brug ongelijk, maar daarna draaide ze het publiek dol. Op de evenwichtsbalk maakte ze onwaarschijnlijke salto's, die ze 20.000 keer had geoefend. Alleen een klein en licht iemand, met levensverachting, kon zo iets doen. Duizenden meisjes volgden haar voorbeeld met ongetwijfeld een ontelbaar aantal blessures en huilbuien als gevolg.
In 1991 was het slecht nieuws toen ze naar een ziekenhuis moest voor onderzoek. In 1986 woonde ze vlak bij Tsjernobyl en was er niet goed aan toe.
(Algemeen Dagblad, 28 september 2000)

HET CITAAT
"Wees niet bang als iets moeilijk is in het begin. Het is slechts de eerste indruk."
De verklaring van Olga Korbut voor haar succesen bij het turnen

UIT DEN OUDEN DOOSCH: OLYMPISCHE RAMSJ
Als voorbereiding op de Spelen van 1968 in Mexico Stad gaf het NOC een boekje uit dat met terugwerkende kracht een wrange smaak geeft. Tien dagen voordat de Spelen begonnen, sloegen de autoriteiten op gruwelijke wijze een studentenopstand neer waarbij vermoedelijk honderden doden vielen.
IOC-voorzitter Avery Brundage vond dat geen probleem: "Als gasten van Mexico hebben wij het volste vertrouwen dat de Mexicaanse bevolking samen met de deelnemers en toeschouwers de Spelen zal meevieren. Deze zijn een ware oase in een wereld vol moeilijkheden."
Toen het NOC zijn boekje uitgaf wist het natuurlijk nog niets over de slachting, alhoewel het niet blind was voor problemen: 'Mexico ligt in een schotelvormig dal op een hoogte van 2.400 meter. Voor buitenlandse sportmensen zou het ademhalen veel moeilijker worden.' Maar geen zorgen: 'Het is - mits goed getraind - slechts een kwestie van acclimatiseren.'
Zoals Bob Beamon, die in de ijle lucht een onwaarschijnlijke sprong maakte van 8.90 meter.
Maar politieke problemen? Nee, daarover werd niets geschreven. 'Mexico heeft een grootse taak op zich genomen,' was alles. 'De deelnemers en bezoekers moeten onderdak hebben, een olympisch dorp moest worden gebouwd.' Dat juist dat dorp onder zware bewaking stond, was cynisch, want dat was de enige manier om de onlusten buiten zicht te houden.
Het Olympische leven ging zo normaal mogelijk door, wat onderstreept werd door de Mexicaanse president: "Wij hebben de situatie nu geheel onder controle. De Spelen zullen door niemand worden verstoord." Het zou een oase worden in de woestijn van de dictatuur.
(NRC Handelsblad, 28 september 2000)

NIEUW!!
Op de Spelen van 1968 in Mexico Stad werd voor de eerste keer een seksetest gehouden. Dat werd gedaan om een einde te maken aan alle geruchten dat sommige vrouwelijke atleten maar deden alsof, of dat ze door het gebruik van gekleurde pilletjes mannelijke eigenschappen hadden gekregen. Sommige atleten hielden het meteen voor gezien en bleven thuis.
Ook nieuw dat jaar waren de dopingtesten. Tot slot deden de twee verschillende Duitslanden niet meer mee als één Duitse ploeg, maar hadden ze zich opgesplitst. In 1992 in Barcelona was het weer één ploeg, sterker nog: één land.

DE VRAAG
Eerst terug naar gisteren: de Amerikanen en Australiërs kunnen er nog niet helemaal bij dat in Nederland ook hard gezwommen wordt. Waarom moet een goede verklaring hiervoor beginnen bij mevrouw Triebels-Koens?
Deze in 1865 geboren mevrouw verwierf al tijdens haar leven de ere-titel 'De Zwemmoeder'. Zij had de leus 'Elke Nederlander Zwemmer' bedacht, waarmee ze onvermoeid propaganda voerde voor het zwemmen. Ze was ook penningmeester van de Zwembond en werd op haar zeventigste verjaardag benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Voor morgen: wat maakte de Spelen van 1960 en 1964 zo bijzonder? Hoe werd dat tot uiting gebracht door de organisatoren?

HET HISTORISCHE HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.

Op 28 september 1905 is de Duitse bokser Max Schmeling geboren, die grote successen behaalt in de VS. In juni 1930 behaalt hij de wereldtitel bij het zwaargewicht als zijn tegenstander Jack Sharkey wordt gediskwalificeerd in de vierde ronde. Twee jaar later neemt Sharkey overigens revanche. Gedurende zijn carrière verdient de Duitser in totaal bijna vier miljoen gulden. (We hebben het dus over de jaren dertig.)


Nummer 107, 27 september 2000


Inhoud
1. Premier Australië roemt Freeman
2. Olympische Oorlog: kan het echte China opstaan?
3. Olympische Helden: finale door neus geboord
4. Het citaat
5. Nieuw!!
6. De vraag
7. Het historische hebbeding

PREMIER AUSTRALIE ROEMT FREEMAN
Als er op de Spelen iets met een vlag gebeurt, komen sport, politiek en cultuur bij elkaar. Dat bleek weer na de winst van Cathy Freeman, toen iedereen zich afvroeg of ze wederom met de Australische vlag én die van de Aboriginals een ereronde zou lopen. Sommige commentatoren vergeleken een dergelijke daad al met de zwarte vuisten van 1968 als ondersteuning van Black Power in de Verenigde Staten, maar dat is overdreven.
Bij Freeman hoort natuurlijk een pijnlijke geschiedenis. Premier Howard van Australië haalde gisteren daarom zo snel mogelijk de politieke angel uit het verhaal. Dat ze haar eigen vlag droeg was fantastisch, zei hij gisteren. "Ze is trots op haar Aboriginal achtergrond, net zoals ze trots is om uit Australië te komen. Twee vlaggen dragen was de perfecte manier om dat te uiten." Snel ingrijpen was noodzakelijk, want Howard is juist de aanleiding voor alle protesten van de akties. Nog steeds weigert hij zich namens Australië te verontschuldigen voor wat er met de Aboriginals is gebeurd. Wat Freeman betreft, hoeft hij zich nu even geen zorgen te maken, want de Aboriginals zelf leven in een roes. 'Een droom is nu werkelijkheid,' schreef één van hen vandaag. We zijn zo trots. We houden van je.'
Alhoewel een andere woordvoerder van de Aboriginals toch nog even duidelijk liet zien waarom het draait: 'Haar optreden toont aan dat wanneer onze mensen op een juiste manier worden opgeleid en ondersteund ze de beste prestaties kunnen leveren.' Om toch nog even duidelijk te maken, dat blank Australië bij zichzelf te rade moet gaan.
(NRC Handelsblad, 27 september 2000)

OLYMPISCHE OORLOG: KAN HET ECHTE CHINA OPSTAAN?
Sinds de Chinese revolutie maken China en Taiwan ruzie over wie het échte China is: de communistische of kapitalistische versie. Op de Spelen hebben ze ook regelmatig bonje gehad, zoals in Rome in 1960. Taiwan wilde namelijk onder de naam Nationalistisch China meelopen in het openingsdefilé, maar dat weigerde het IOC. Of Taiwan, of Formosa en anders niet, luidde het oordeel, waarmee Nationalistisch China genoegen moest nemen. Dat deden zij, maar onder protest. Sterker nog: zo luidde de tekst -'Under protest'- op een stuk papier dat de delegatie ontvouwde tijdens de wandeling door het Olympisch Stadion.
Acht jaar eerder al zag Taiwan af van deelname aan de Spelen van Helsinki, omdat het China van Mao ook was uitgenodigd. Eigenlijk had IOC-voorzitter Edström beide landen willen passeren nadat hij moe was van het politieke gekibbel, maar dat vond de rest te ver gaan. En vier jaar later was het precies andersom: nu bleef het communistische China weg omdat Taiwan was uitgenodigd. Alsof de landen onderling afspraken wie er de volgende keer zou wegblijven. "Jij dit keer? OK, dan ben ik over vier jaar weer boos op jou. Veel plezier."
In 1976 tot slot besloot het organiserende Canada om Taiwan niet toe te laten tot de Spelen onder de naam Republiek China. Dat had niets te maken met mooie Olympische gedachten of amateurisme of wat dan ook, maar alles met geld. De Volksrepubliek China dreigde een graancontract niet te ondertekenen als Canada zou toestaan dat Taiwan zou meedoen als Republiek China, wat Canada erg veel geld had gekost. Ondanks bemoeienissen van het IOC ("Canada is fout.") en de Verenigde Staten ("Als Taiwan zonder eigen vlag en volkslied de openingsceremonie moet meemaken, trekt Amerika zich terug."), deed Taiwan niet mee. De VS en het IOC gingen uiteindelijk accoord, want als ze ergens de waarde van geld kennen, is het daar wel.

OLYMPISCHE HELDEN: FINALE DOOR NEUS GEBOORD
Het Nederlands waterpoloteam onder leiding van Frank Kuyper was bijzonder populair tijdens de Spelen in 1956. In de poule vocht het met Joegoslavië uit wie zou doorgaan naar de volgende ronde. Oranje won met 3-2 in een keiharde wedstrijd, maar de tegenstander protesteerde wegens partijdigheid van de scheidsrechter, die in hun voordeel (!!!) zou hebben gefloten. Doel was de wedstrijd ongeldig te verklaren, maar geen Nederlander die daarin geloofde. Ondanks een negatief advies van deskundigen, kregen de Joegoslaven toch gelijk: overspelen. Nederland was geknakt en verloor daarop. Als troost stuurde het thuisfront massaal telegrammen naar de ploeg, die uiteindelijk vijfde werd. Joegoslavië won zilver, na Hongarije.
(Algemeen Dagblad, 27 september 2000)

HET CITAAT
"Dat protest vonden we waanzin. We gingen die bewuste maandagavond ook rustig slapen."
Frits Smol van het Olympisch waterpoloteam van 1952 in een interview in 1968

NIEUW!!
Op de Spelen in Los Angeles van 1932 werd voor de eerste keer een erepodium gebruikt bij het uitreiken van de medailles. Ook nieuw was de fotofinish-apparatuur, dat functioneerde met behulp van de Kirby twee-oog camera. Tenminste, zo wordt gezegd, maar daarover heb ik serieuze twijfels. In 1912 in Stockholm namelijk werd de discussie over wie tweede of derde was geworden bij de 1.500 meter atletiek beslecht door een foto. Zowel de Amerikaan Abel Kiviat als landgenoot Norman Taber deden 3:56,9 minuten over de afstand, waardoor het blote oog geen uitsluitsel kon geven. De foto gaf de doorslag, samen met de electronische tijdwaarneming, die in 1912 was geïnstalleerd door de Zweed R. Carlstedt. Maar misschien ligt de nuance in de apparatuur van 1932 en werd in 1912 de foto gemaakt door iemand die op de lijn lag, alhoewel ik niet zou weten hoe dat in de praktijk eruit ziet.

DE VRAAG
Waarom is het niet toevallig dat juist in de tweede helft van de negentiende eeuw het idee van de Olympische Spelen nieuw leven werd ingeblazen? Dat was de vraag voor vandaag.
Tenslotte had deze sportieve Renaissance ook in 1800 kunnen plaatsvinden of rond 1950 of zelfs helemaal nooit. Tegenwoordig huldigen we Pierre de Coubertin als de enige en ware verantwoordelijke voor de moderne Olympische gedachte, maar dat is maar heel gedeeltelijk juist. In 1834 en 1836 waren in Zweden de Skandinavische Olympische Spelen, in Engeland werd vanaf 1850 jaarlijks dit evenement gehouden en tussen 1859 en 1888 werden vier Spelen in Athene gehouden. Desondanks herinneren wij ons alleen 1896 als eerste moderne Spelen.
Hoe dan ook: het gebeurde allemaal in de periode 1830-1900. De reden was een groot aantal opgravingen in Griekenland in die tijd, die restanten van de klassieke Spelen blootlegden. Tenslotte bleek gisteren dat veel daarvan was verdwenen door menselijk geweld en natuurrampen. Met name tussen 1875 en 1881 werden in Olympia door Duitse archeologen veel restanten in Olympia gevonden, die herinnerden aan de oude geschiedenis. En iemand als De Coubertin, en met hem vele anderen, lieten zich daardoor inspireren.
Los van de archeologische vondsten werd De Coubertin ook aangemoedigd nadat hij de slechte conditie had gezien van de Franse jeugd tijdens onder andere de Krim-Oorlog in de negentiende eeuw. Sportbeoefening kon van de Franse jeugd weer een deugdzaam en stevig land maken, aldus De Coubertin.

Voor morgen: de Amerikanen en Australiërs kunnen er nog niet helemaal bij dat in Nederland ook hard gezwommen wordt. Waarom moet een goede verklaring hiervoor beginnen bij mevrouw Triebels-Koens?

HET HISTORISCHE HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.
Op 27 september 1925 debuteert voetballer Bep Bakhuys bij het Haagse HBS, alhoewel zijn broers bij concurrent Quick spelen. Omdat al zijn vrienden echter bij HBS spelen, stapt hij over. Als wraak eisen zijn broers dat hij elke zondag zegt: "Ja, jullie Quick is de beste, de fijnste, de mooiste en sterkste club." Later werd Bakhuys een legendarische international, die in 1938 als eerste Nederlander overstapte naar het betaalde voetbal.


Nummer 106, 26 september 2000


Inhoud
1. Spelen goed voor Australische nachtrust
2. Historische zwembril te koop
3. Drie Olympische oorlogen: de Eerste Wereldoorlog
4. En dan: de Tweede Wereldoorlog
5. Tot slot: Vrede
6. Olympische Helden: eindelijk goud
7. Het citaat
8. Olympische Helden: vrouwenmarathon
9. Het citaat
10. Olympische Helden: de gevallen Indiaan
11. Het citaat
12. Uit den ouden doosch: Olympische ramsj
13. Nieuw!!
14. De vraag
15. Het historische hebbeding
Dat duurde even een dag langer dan gepland wegens een maandagje grasduinen in de voetbalgeschiedenis van Enschede. Wat meteen een wijze les is voor diegene die zweert bij keiharde regelmaat en redeloze tucht: wordt nooit lid van een periodiek dat wordt volgeschreven door een free-lancer. Maar de gemiste dag wordt opgevangen door een langere nieuwsbrief dan normaal. En vanaf nu hoef ik de stad niet meer uit tijdens de Spelen.
SPELEN GOED VOOR AUSTRALISCHE NACHTRUST
Henk de Denktank is er vandaag even niet, maar het loont wel de moeite in te gaan op de vraag waarom het leuk is de Spelen dichtbij huis te hebben. In Australië werd namelijk gevraagd wat de mensen het leukst vonden aan deze weken. Daaruit bleek dat 37 % vooral genoot van het simpele feit dat ze bij daglicht naar de belangrijkste gebeurtenissen konden kijken, in plaats van drie uur 's nachts als het evenement op het Noordelijk Halfrond wordt gehouden. Eén derde van de ondervraagden genoot in eerste instantie van het ondersteunen van de Australische atleten in eigen land. Verder hield 21 % met name van de permanente feestelijke sfeer rond de Spelen. Iets minder dan een tiende van de ondervraagden genoot van de sporten, die ze in normale tijden niet zo snel zouden zien.

HISTORISCHE ZWEMBRIL TE KOOP
De zwembril waarmee Eric Moussambani vorige week geschiedenis scheef in het Olympische zwembad is te koop voor liefhebbers. Wat er met het geld gebeurt, is onbekend, maar het zal vast niet te goede komen aan de ontwikkeling van de zwemsport.
http://cgi.ebay.com/aw-cgi/eBayISAPI.dll?ViewItem&item=443791326

DRIE OLYMPISCHE OORLOGEN: DE EERSTE WERELDOORLOG
Als een atleet op de Spelen zich bijzonder sterk toont en met veel trots de nationale vlag door het stadion loodst, zal de legerleiding uit dat land zich dat ongetwijfeld herinneren als een gewapend conflict uitbreekt. Veel Olympiërs hadden of hebben zowiezo een baan bij het leger of de politie, dus die komen eerder in aanraking met geweld dan een 'normaal' iemand. Daarom was de Franse atleet Jean Bouin, die in 1912 de spannende finale nét verloor op de 5.000 meter, niet in staat om op de volgende Spelen in Antwerpen zijn medaille verdedigen: op 29 september 1914 was hij één van de eerste slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog. Maar ook de winnaar van het brons op die afstand was er acht jaar later niet meer bij: George Hutson uit Groot-Brittannië vond eveneens de dood.
Nog een bekende naam die zou sneuvelen, was de Duitse kampioen Hanns Braun, die met een tijd van 48.3 seconden de tweede plaats veroverde bij de 400 meter atletiek. Maar de Fransman Joseph Gillemot daarentegen overleefde op een merkwaardige manier een aanval met gifgas: hij droeg zijn hart rechts. Dat zijn de bekende atleten uit die tijd, die de Eerste Wereldoorlog niet overleefden. Natuurlijk zijn er veel meer gedood, maar zij behaalden op de Spelen van 1912 geen resultaten waarover we nu nog praten. Sommige daarentegen zouden enkele decennia later nog naam maken in de Tweede Wereldoorlog. De Amerikaan George Smith Patton, die in 1912 als vijfde eindigde bij de moderne vijfkamp, werd later een beroemde generaal.
(NRC Handelsblad, 23 september 2000)

EN DAN: DE TWEEDE WERELDOORLOG
De vlammen van wereldbranden bereiken ook Olympische gebouwen, zoals tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1936 deed een groot aantal sporters mee dat tien jaar later was overleden, hetzij als nazi danwel als verzetsstrijder. Maar meestal waren het burgerslachtoffers, die bezweken door het algemene oorlogsleed.
Een opmerkelijk figuur was de Duitse worstelaar Werner Seelenbinder, die in 1936 bij het middenzwaargewicht bij het Grieks-Romeins worstelen als vierde eindigde. Tijdens zijn reizen was hij ook koerier voor de illegale Kommunistische Partei Deutschland. Op deze Spelen vervulde hij eveneens deze funktie tussen de wedstrijden door. In de oorlog zelf vocht hij bij het communistische verzet, maar werd na arrestatie in 1944 met een groot aantal anderen geëxecuteerd.
Zijn landgenoot Heinz Brandt daarentegen, die in 1936 goud won bij het paardrijden, was plaatsvervangend chef van de operationele afdeling van de generaalsstaf van het leger en direct betrokken bij het beramen van oorlogstaktieken. Hij werd beroemd toen hij in 1944 per ongeluk een aktentas wegschoof, waar later een bom in bleek te zitten tegen Hitler. Brandt raakte bij de explosie zelf zwaar gewond en bezweek na twee dagen aan zijn verwondingen.
Maar de meeste waren natuurlijk niet zo hoog in rang. De Pool Wladyslaw Karas werd meteen na de inval in zijn land vermoord door de Duitsers. Of de Hongaar Endre Karbos, die op 4 november 1944 in de tram in Boedapest zat toen de nazi's de Margarethabrug opbliezen om de Geallieerden te blokkeren. Daar de tram toen over de brug reed, werd hij samen met andere passagiers gedood.
(NRC Handelsblad, 25 september 2000)

TOT SLOT: VREDE
De maatschappelijke ontwikkelingen gaan niet voorbij aan de Olympische beweging. Na twee wereldoorlogen waren velen bezorgd voor een nieuwe, allesvernietigende oorlog, zoals een Duitse vrouw die tijdens de opening van de Spelen in Helsinki in 1952 als vredesengel opdook. Niemand in het stadion vermoedde onraad, want na alle plechtigheden zag de geheel in het wit geklede vrouw er niet angstaanjagend uit.
"Ladies and gentleman," luidde haar toespraak, want meer kans kreeg ze niet van de ordedienst Later bleek ze Barbara Rotraut-Pleyer te heten en had ze iets willen zeggen over de vrede en verbroedering der volkeren. Voor alle zekerheid werd ze de volgende dag maar op een vliegtuig naar huis gezet. Minstens één oud-deelnemer van de Olympische Spelen moet minimaal hebben geglimlacht toen hij de aktie zag. De Brit Philip John Noel-Baker, die in 1920 zilver won bij de 1.500 meter atletiek, was in die tijd een fanatiek voorvechter van ontwapening. Al in 1920 werkte hij voor de Volkerenbond. Van 1924 tot 1929 was hij hoogleraar Volkenrecht en lid van het Engelse Lagerhuis. Meteen na de oorlog werd hij opgenomen in de Britse regeringen van Labour. Zijn uiteindelijke kroon op de carrière was in 1959 toen hij de Nobelprijs voor de Vrede kreeg. Die was vooral gebaseerd op zijn boeken 'Wedloop der wapens' uit 1958 en 'Ontwapening - Ja' uit 1963. Noel-Baker was uiteindelijk tot 1977 voorzitter van de UNESCO, waar hij zich vooral inzette voor sport en gezondheidszorg in ontwikkelingslanden. Noel-Baker was in feite de Olympische gedachte op twee benen.
(NRC Handelsblad, 26 september 2000)

OLYMPISCHE HELDEN: EINDELIJK GOUD
Voordat Ada Kok in 1968 haar gouden finale zou zwemmen op de 200 meter vlinderslag was ze zo zenuwachtig dat ze alleen met hulp van een official haar trainingsboek uitkreeg. Eerder was ze teleurstellend als vierde geëindigd bij de 100 meter vrije slag, waarna ze de eenzaamheid leerde kennen van de verliezer. Niemand nam toen de moeite even een babbeltje te maken, maar na de gouden plak was het opeens weer druk.
Ze had eindelijk haar hoofdprijs gewonnen, nadat ze in 1964 twee zilveren medailles had bemachtigd. Ze kon eindelijk haar naam als feestbeest waarmaken, net zoals vier jaar eerder.
(Algemeen Dagblad, 23 september 2000)

HET CITAAT
"De halve nationale damesploeg danste in onderbroek op de tafels."
Ada Kok over een wild feest op de Spelen in 1964 bij de Nieuw-Zeelanders.

OLYMPISCHE HELDEN: VROUWENMARATHON
Na tientallen jaren discussie en ruzie was de Amerikaanse Joan Benoit in 1984 in Los Angeles de eerste vrouw die een Olympische marathon won. Al na drie kilometer ontsnapte Benoit en werd niet meer ingehaald. Daarmee bewees ze wederom haar kracht als één van de beste loopsters van die tijd.
Carla Beurskens kreeg in Los Angeles problemen toen ze een spons in haar oog kreeg en daarbij haar contactlens verloor. Het moment dat de meeste mensen zich zullen herinneren is de zwalkende Gaby Andersen, die schijnbaar dood het stadion bereikte. Een dag later echter was ze weer hersteld.
(Algemeen Dagblad, 25 september 2000)

HET CITAAT
"Ik dacht, dat ik het wel zou halen. De eindstreep leek me niet zo ver meer."
Gaby Andersen over haar dramatische Olympische marathon van 1984.

OLYMPISCHE HELDEN: DE GEVALLEN INDIAAN
De belangrijkste sportverslaggevers van het moment besloten in 1950 dat de Amerikaan Jim Thorpe de beste sporter van de eerste helft van de eeuw was. Net op tijd, want in 1953 stierf hij. Overweldigend waren zijn zeges in 1912 op de vijf- en tienkamp, maar een jaar later werden zijn medailles afgenomen wegens overtreding van de amateurregels. In 1909 had hij wat dollars ontvangen bij het honkballen en dat was voor sommigen een goed moment om af te rekenen met de niet-blanke atleet met Indiaans bloed. Pas in 1982 kreeg hij eerherstel, maar toen was hij dus al dood.
(Algemeen Dagblad, 26 september 2000)

HET CITAAT
"Ik was maar een gewone Indiaanse jongen, die niet wist hoe de olympische regels precies in elkaar zaten."
Jim Thorpe in 1913 na beschuldigingen dat hij professional was.

UIT DEN OUDEN DOOSCH: OLYMPISCHE RAMSJ
Dit boek is echt ramsj, omdat het al jaren in de schappen van De Slegte ligt. De dezer weken al meer besproken Andrew Jennings schreef in 1992 samen met Viv Simson 'In de ban van de ringen. Feiten en onthullingen over misbruik van macht en geld binnen het IOC'. Hiermee begonnen in feite de problemen bij het IOC, die uiteindelijk resulteerden in een grote schoonmaak binnen de Olympische beweging en het aantasten van de geloofwaardigheid, waarbij zelfs Mart Smeets er in laatste instantie aan moest geloven.
De auteurs zijn in het interne leven van het IOC gedoken, waarbij ze op veel ellende stuitten. Het concentreert zich in eerste instantie op de Spelen van 1992 in Barcelona en vooral op de vraag wat de Spaanse IOC-voorzitter Samaranch voor een rol heeft gespeeld. Tot nadenken stemt de banden met Coca Cola en Adidas, die de moderne Spelen zo commercieel hebben gemaakt in vergelijking met daarvoor. Als het contact met Coca Cola niet was gelegd, zouden we wellicht nu een heel andere opzet hebben gehad. In de jaren zeventig was het namelijk nog niet vanzelfsprekend om als bedrijf zich in te laten met de Spelen, wat werd gewijzigd door eerdergenoemde multinationals.
Helaas is niet het gehele boek altijd even goed geschreven, maar om meer inzicht te krijgen in de achtergrond van de Spelen is het wel onmisbaar. Later zijn er nog twee delen verschenen in de serie over het IOC en machtsmisbruik.

NIEUW!!
De Olympische Spelen in Berlijn van 1936 waren de eerste dia via de televisie konden worden gevolgd, alhoewel het nog op beperkte schaal was: via een gesloten circuit werd door ruim 150.000 mensen gekeken. Het eerste sportevenement dat de huiskamers bereikte was de Wimbledon-finale van 21 juni 1937. De twee-duizend gefortuneerden met een televisietoestel konden de strijd vanaf drie uur 's middags volgen.
Sportbonden, waaronder de Britse Football Association, waren niet meteen enthousiast over het nieuwe medium, omdat ze bang waren voor dalende bezoekersaantallen. De eerste TV-directeur van de BBC, Gerald Cock, probeerde daarom via een brief de voetbalbestuurders te overtuigen.
'Toestemming voor het verslaan van Engeland-Schotland moet niet als een precedent maar als een proef worden beschouwd,' formuleerde hij diplomatiek. 'Televisie staat nog in de kinderschoenen. Het is het begin van een grote, nieuwe industrie. Het is een ontwikkeling die grotendeels afhangt van de samenwerking met instituten als de Football Association.' Cock slaagde in zijn opzet, zodat op 9 april 1938 de BBC-camera's zich voor het eerst richten op de voetbalinterland Engeland-Schotland. De FA huldigde vanaf toen het standpunt dat "indien het voetbal wil groeien het alle publiciteit nodig heeft die het maar kan krijgen".

DE VRAAG
Het voordeel van een dagje overslaan is dat er iets langer kan worden nagedacht over de vraag van vrijdag: waarom hielden de klassieke Spelen uiteindelijk op te bestaan?
In 394 na Christus vaardigde de Romeinse keizer Theodorus de Grote een verbod af, omdat de Spelen een heidens karakter hadden in de ogen van de inmiddels christelijke leider. De klassieke Spelen ware tenslotte in eerste instantie een eerbetoon aan Zeus, waar het toenmalige Christendom niet op zat te wachten. Dertig jaar later werden ook de tempels verbrand die herinnerden aan de Spelen. Tot slot hielp de natuur een handje mee door twee grote aardbevingen - in 522 en 551 - en een overstroming.

Wat meteen leidt tot de volgende vraag: waarom is het niet toevallig dat juist in de tweede helft van de negentiende eeuw het idee van de Olympische Spelen nieuw leven werd ingeblazen?

HET HISTORISCHE HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.
Op 26 september 1902 is de Nederlandse schermer A. C. Montfoort geboren. Hij stond niet bekend als een goed verdediger, maar vooral als iemand die de aanval koos. In de jaren dertig behaalde hij bij verschillende disciplines het nationale kampioenschap. In 1936 maakte hij onderdeel uit van de Olympische sabeléquipe.


Nummer 105, 22 september 2000


Inhoud
1. Denktanken: topsport naar Buitenlandse Zaken
2. Uitzendrechten
3. 1908
4. Olympische Helden: de volksheld
5. Het citaat
6. Olympische Oorlog: burgerkleding
7. Nieuw!!
8. De vraag
9. Olympische boodschappen
10. Het historische hebbeding

DENKTANKEN: TOPSPORT NAAR BUITENLANDSE ZAKEN
Deel vier van Henk de Denktank over topevenementen in Nederland. Na alle successen die we de afgelopen dagen hebben mogen meemaken, klinkt vanuit sportkringen nu de eis dat de overheid meer geld investeert in topsport om over vier jaar in Athene verder te bouwen. Met twintig miljoen gulden zijn ze daar tevreden, waar staatssecretaris Vliegenthart van Sport bij Twee Vandaag wat zuinigjes op antwoordde. Ik heb weinig zin om over centen te praten, omdat ik doodeenvoudig niet goed op de hoogte ben van de wensen, maar wil wel een ander voorstel doen.
We erkennen nu dat met name de prestaties van de zwemmers internationaal de aandacht trekken en dus goed is om ons als Nederland te profileren. Want laten we eerlijk zijn: het is toch een goed gezicht om te zien dat een klein land in staat is in de top te staan van de gouden medailles? Alsof RBC ineens drie weken lang de eredivisie aanvoert.
Als we dus inzien dat topprestaties bij internationale sporten - waarbij ik met alle respect niet denk aan de wereldkampioenschappen schaatsen - en geslaagde grote sportevenementen goed zijn voor de nationale naamsbekendheid moeten we daaruit conclusies trekken die vooral een politieke lading hebben. En die conclusie is simpel: er wordt een nieuwe Staatssecretaris voor Topsport aangesteld, die onder de Minister van Buitenlandse Zaken valt. Daarmee is meteen een politieke erkenning gekomen voor de internationale waarde van topsport, die geïntegreerd wordt met algemene buitenlandse aangelegenheden.
De huidige functie van Staatssecretaris van Sport blijft gewoon bij VWS, want die blijft zich bezighouden met het takenpakket zoals nu, maar dan zonder de internationale aspecten. De nieuwe Staatssecretaris van Topsport - even brainstormen - onderhoudt contacten met bijvoorbeeld de Nederlandse leden van het IOC, met andere internationale sportofficials en met de Nederlandse bonden die een groot evenement willen organiseren. Let wel: houdt contact als tussenpersoon met de overheid, maar zal niet functioneren als overkoepelende leider die alles bepaalt.
Daarmee maken we een einde aan alle onduidelijkheid die sport nu heeft in de samenleving. Zowel de politiek als de sport erkennen de meerwaarde van internationale successen en evenementen, en kunnen onder de vlag van BuZa (om het in jargon uit te drukken) misschien zelfs wel eens de Verenigde Naties toespreken. Ik verheug me al op het moment dat die eerwaarde leden de gezellige Erica Terpstra opeens op het podium zien verschijnen.

UITZENDRECHTEN
Sportdatabureau Infostrada heeft weer een leuk overzicht gemaakt. Dit keer betreft het de hoogte van de uitzendrechten voor de Spelen gedurende de afgelopen decennia. Dat daarin een stijging zit, zal niemand verbazen, alhoewel het toch weer merkwaardig is. Zoals we het gisteren al hadden over mekkerende Amerikanen, die midden in de nacht moeten kijken naar de Spelen, is in principe een groot deel van het potentiële kijkerspubliek slapende.
Desondanks wordt er elke keer meer betaald. Maar goed, dan zenden ze maar een herhaling uit.

Jaar
1972
1976
1980
1984
1988
1992
1996
2000
Plaats
München
Montreal
Moskou
Los Angeles
Seoul
Barcelona
Atlanta
Sydney

Euro's in mln.
20,91
37,58
118,62
243,12
473,32
746,98
1051,18
1563,96

1908
Een belangrijk jaar voor de Nederlandse sport was 1908. Het Nederlandse voetbalelftal werd na de 12-2 nederlaag in december 1907 tegen de Engelse amateurs versterkt met de Engelse oefenmeester Edgar Chadwick. Na de afgang werd ingezien dat louter spelen voor de lol internationaal geen potten breekt. De Engelsman moest het spel en vooral het inzicht verbeteren. Hij behaalde meteen succes door op de Spelen van 1908 in Londen een bronzen medaille te winnen.
De enige medaille ook, want de bijdrage van de andere Nederlanders was treurig. Ondanks een redelijk groot aantal deelnemers werd het gebrek aan training en tactisch inzicht pijnlijk zichtbaar. De deelnemers bijvoorbeeld die uitgezonden waren door de Nederlandsche Atletiek Unie (NAU) werden gepest met een woordspeling. Van NAU werd Na U gemaakt, om aan te geven dat er altijd wel iemand eerder bij de finish was dan de Nederlanders.
Het toonaangevende tijdschrift Revue der Sporten kon er niet om lachen. 'De Nederlandsche Atletiek Unie heeft naar Londen vertegenwoordigers gezonden, die niet in de schaduw van de loopers van andere landen konden staan, en het was beter geweest, wanneer wij niet in Londen waren uitgekomen dan met deze loopers.'
Alhoewel andere takken van sport het iets beter hadden gedaan, had de Revue een tip voor de bestuurders, die bij de voetballers al had geholpen: 'Als wij in ons land nu eens een stelletje deskundige beroepslui als leeraar krijgen (.) dan gaan wij over tien jaar met een massa prijzen naar huis.' En afblijven van het borreltje, dan zou ook Nederland er ooit eens bij gaan horen.
(NRC Handelsblad, 22 september 2000)

OLYMPISCHE HELDEN: DE VOLKSHELD
Voordat de Rotterdamse bokser Bep van Klaveren het Nederlandse succes op de Amsterdamse Spelen van 1928 onderstreepte met een gouden plak, moest de burgemeester van Amsterdam nog snel het plaatselijke boksverbod opheffen. Dat was namelijk een sport, die daar amper werd toegestaan. Van Klaveren was onverslaanbaar bij het vedergewicht door zijn enorme aantal slagen dat hij op zijn tegenstander afvuurde. Alhoewel zijn Amerikaanse carrière later mislukte, maakte hij daardoor wel naam als 'The Dutch Windmill'. Van Klaveren's talenten vielen overigens niet uit de lucht, omdat hij uit een voorname boksfamilie stamde, die tot op heden een belangrijke rol speelt in de bokswereld.
(Algemeen Dagblad, 22 september 2000)

HET CITAAT
"Je moet een buiging maken, kijk zó."
Een official in 1928 die Olympisch kampioen Bep van Klaveren duidelijk wil maken wat de gedragscode is voor de ontmoeting met Prins Hendrik. De bokser opende het koninklijke gesprek echter met een schuine mop.

OLYMPISCHE OORLOG: BURGERKLEDING
Eerder deze week werd al ingegaan op de Russische inval in Hongarije vlak voor de Spelen van 1956 in Melbourne. Op het laatste moment zegde Nederland af uit protest tegen de inval. De Nederlanders waren verbijsterd toen ze het nieuws hoorde toen ze al lang in Australië zaten. In het telegram van het NOC aan zijn direkteur Van Zijll stond: 'Verlaat allen Olympisch Dorp. Zoek elders onderdak stop. Draag burgerkleding. Indien onmogelijk verwijder badge stop. Wacht komst Paulen die elf november vertrekt uit Amsterdam vertrekt uit Amsterdam voor verdere instructies stop. Trek alle hotelreserveringen in maar reserveer hotel Windsor voor Paulen en Quarles die vijftien november vertrekt stop.'
Niet alleen deelname was dus onmogelijk, maar de sporters werden ook uit het Dorp en de hotels gedonderd, waar nog wel plaats werd geregeld voor de NOC-officials. Sommige dingen zijn nu eenmaal altijd hetzelfde.
Naast de waterpolo-wedstrijd en het schermen waar het publiek zich tegen de Russen keerde, was er tijdens de opening nog een incident toen de Hongaarse ploeg de communistische vlag in het Dorp verscheurde en werd vervangen door de eigen vlag. "Weg met de Russen, lang leve het vrije Hongarije!"
schreeuwden de sporters daarna om hun grieven en verdriet te ondersteunen.

NIEUW!!
Op de Spelen van 1932 in Los Angeles werd voor de eerste keer een atletiekbaan opgeleverd met geperste turf. Verder beleefden de Amerikanen de primeur met de eerste deelname van China. De delegatie was indrukwekkend: de enige deelnemer was atleet Tsjen-Tsjoen-Lioe.

DE VRAAG
Nog even terug naar gisteren: Johnny Weismuller was niet alleen een zwemmende legende, maar deed ook elders van zich spreken. Er zijn echter nog meer Olympische sterren die Weismuller's voorbeeld volgden. Een paar namen, graag.
Weismuller werd verder wereldberoemd als de filmster die Tarzan vertolkte. Frank Grootemaat stuurde dit antwoord, dat bijzonder de moeite waard is om mee te nemen. 'Tegenwoordig zijn veel topsporters via commercials in zekere zin acteur (van de Hoogenband - Extran, Alan Vilafuerte - Ben, enzovoorts). Toch zijn er meer olympische sporters die ook op het witte doek te zien zijn geweest. Michael Jordan (die ook niet vies was/is van commercials) schitterde behalve op de spelen van 1984 en 1992 ook in de redelijk succesvolle speelfim Space Jam, samen met de Looney Tunes. Mark Spitz, die veel overeenkomsten heeft met Weismuller als Olympische zwemlegende, had een soort talkshow in de VS (waarin hij ook acteerde en vaak hilarische grappen maakte) en speelde volgens mij daarnaast ook in enkele films.
Olympische helden zijn ook vaak onderwerp geweest van speelfilms, denk bijvoorbeeld aan de biografie van Dan Jansen (barslecht volgens de meeste critici) maar ook 'Cool Runnings', over de Jamaicaanse bobsleeërs. Verder natuurlijk 'Chariots of Fire'. De film met de meest uitgebreide Olympische cast is natuurlijk 'Olympia' van Leni Riefenstahl. Het wachten is nu op Jaws 5, waarin Pieter van de Hoogenband samen met Inge de Bruin het Olympisch dorp redt van de zoveelste reuzenhaai.'

Voor maandag: waarom hielden de klassieke Spelen uiteindelijk op te bestaan?

OLYMPISCHE BOODSCHAPPEN
Verzamelaars van Olympische hebbedingetjes doen er goed eens te neuzen op een site waar van alles en nog wat wordt aangeboden op het gebied van Olympische geschiedenis. Nog steeds kan de echte liefhebber een enorme verzameling kopen met duizenden boeken, tijdschriften en dergelijke voor het minimale bod van $400.000. Dat is net zo veel als een jaar geleden, maar door de hoge koers eigenlijk veel meer. Wel vreemd als je met zoiets al zo lang loopt te leuren.
http://www.vicon.net/~olympic/

HET HISTORISCHE HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.
Op 22 september 1984 wordt DWS-keeper Erik Jongbloed, de zoon van Jan Jongbloed, dodelijk getroffen door de bliksem tijdens de wedstrijd. Door hetzelfde noodweer wordt na zeventien minuten Ajax-Fortuna Sittard gestaakt, omdat scheidsrechter Egbert Mulder geen enkel risico wil nemen. Zo'n 150 toeschouwers eisen daarna hun geld terug.


Nummer 104, 21 september 2000


Inhoud
1. Nachtbraken stimuleert topsport
2. Denktanken: de overheid
3. Olympische oorlogen: een Amsterdamse suppoost
4. Olympische helden: de held-dictator
5. Het citaat
6. Uit den ouden doosch: Olympische ramsj
7. Nieuw!!
8. De vraag
9. Amerikaanse sportgeschiedenis op het net
10. Historisch hebbeding

NACHTBRAKEN STIMULEERT TOPSPORT
Alhoewel we momenteel in Nederland niet te klagen hebben over de internationale reikwijdte van onze sportsuccessen, kan het geen kwaad ons eens af te vragen waarom Australië zo sportminded is. Want de Australische sporthistoricus Daryl Adair heeft wel een heel opmerkelijke verklaring.
Nadat een Amerikaanse collega gisteren klaagde over het late tijdstip van de live-uitzendingen door de tijdverschillen, serveerde Adair deze klacht af.
"Wij hier zijn gewend om de grote sportgebeurtenissen op ongewone tijdstippen te bekijken," mailde hij rond. "We zijn heel erg Down Under in de zin van het tijdverschil met Europa en de VS. Maar voor mij zijn die nachtelijke verslagen extra leuk, omdat het iets extra's geeft."
Hij noemt het de 'tirannie van de afstand' - een sleutelbegrip in de Australische geschiedenis. "Dit verklaart waarom 'Aussies' zo trots zijn op hun sportprestaties. Ons land is ver weg van ons historische moederland en de mondiale sportcentra op het Noordelijk Halfrond. Daarom is voor ons de televisie zo belangrijk, alhoewel het praktisch niet altijd mogelijk is te kijken. Ik zelf bijvoorbeeld wordt ook al wat ouder."
Het valt Adair op dat zijn studenten, in de leeftijd van achttien tot twintig jaar, zo enorm veel weten van de mondiale sport. "Ze weten echt alles over de ontwikkelingen op het Noordelijk Halfrond, maar weer opvallend weinig over Azië. Het is bijvoorbeeld ongelooflijk hoe goed ze op de hoogte zijn van het Amerikaanse basketbal. Too much sport is never enough, is hun motto."
Als we de Nederlandse topsport dus willen stimuleren, moeten we alleen nog maar meedoen als het toernooi Down Under is.
(NRC Handelsblad, 21 september 2000)

DENKTANKEN: DE OVERHEID
De stemmen om de Olympische Spelen naar Nederland te halen klinken steeds luider. Volgende week zal in Sydney een bijeenkomst plaatsvinden waar gesproken zal worden of die wens reëel is. Vanuit het ministerie van VWS is aangekondigd dat een denktank zal worden ingesteld, die het collectieve hoofd zal buigen over hoe grote toernooien binnengehaald moeten worden. 'Uit het veld' denktankt verder, al dan niet met reakties van belangstellenden.
Eergisteren bleek uit de reaktie van Peter-Jan Mol dat we in Nederland niet te klagen hebben gehad de afgelopen vijf jaren over grote sportevenementen. Maar de Olympische Spelen is toch een ander verhaal, waarbij Amsterdam, op één uitzondering na, altijd faalde tijdens de kandidatuur. In 1916, 1920, 1924, 1952 en 1992 ging het om heel uitlopende redenen mis en in 1928 werd wel raak geschoten. Een historisch onderzoek zou geen kwaad kunnen om te zien of dezelfde fouten zijn gemaakt, wellicht in vergelijking met andere wereldsteden die sinds de Tweede Wereldoorlog misgrepen. Het zou goed kunnen zijn dat de rol van de Nederlandse overheid daarin een grote en vooral negatieve rol speelde.
Want de relatie tussen (top)sport en de overheid is vaak breekbaar geweest. In 1928 weigerden de autoriteiten, op enkele individuen na, mee te werken aan de bekostiging en realisatie van de Spelen. Publieksakties waren nodig om het geld binnen te halen, waar de nationale overheid zo veel mogelijk dwars lag. In 1932 kwam de Nederlandse ploeg in de problemen omdat door de economische crisis er geen subsidies werden verleend om de dure reis naar Los Angeles te bekostigen. Giften van de Voetbalbond en van particulieren redden uiteindelijk de Nederlandse deelname.
Allemaal voorbeelden van heel lang geleden, maar de vraag is of de overheid in deze tijden betrouwbaar genoeg is om zich garant te stellen voor het bekostigen van grote toernooien. De eerste signalen van staatssecretaris Vliegenthart van Sport zijn weinig bemoedigend. Vandaar dat de denktank zich eveneens zou moeten buigen over de rol die de overheid moet spelen, want misschien is er een manier te vinden waarbij het ook zonder Vadertje Staat kan. Of Nederland moet inzien dat sport een heel belangrijk onderdeel is om zich internationaal te profileren, wat tot uiting kan komen door een politieke herwaardering van de Nederlandse sport. Daar kom ik een volgende keer op terug.

OLYMPISCHE OORLOGEN: EEN AMSTERDAMSE SUPPOOST
In 1928, op de Spelen in Amsterdam, zorgde een fanatieke suppoost voor de afwezigheid van de Franse ploeg bij het openingsdefilé en tevens voor een protocollair probleem. De dag voor de opening besloten de Fransen namelijk een kijkje te nemen in het Olympisch Stadion, maar de aanwezige bewaker had ongetwijfeld ergens gelezen of gehoord dat dat niet mocht en week geen millimeter. Regels zijn regels, was zijn conclusie, waarna enkele klappen werden uitgedeeld. De Franse leiding eiste excuses, die volgden. Toen deze ploeg tijdens de opening het Stadion wilde betreden, stond diezelfde diender weer op zijn plek en kwam het wederom tot een treffen. Dat was te veel, dus de ploeg draaide zich om en beende naar huis.
Daardoor ontstond het probleem dat de Fransen de Olympische eed niet hadden afgelegd, die dan maar is afgenomen in het 'Maison de France'. Daar beloofde de atleet Pierre Lewden ver buiten bereik van de Amsterdamse suppoost dat alle regels zouden worden geëerbiedigd.

OLYMPISCHE HELDEN: DE HELD-DICTATOR
In het jaar 67 voor Christus won de Romeinse keizer Nero zeven olijfkransen op de klassieke Spelen, die eigenlijk twee jaar eerder gepland waren. Nero zelf had deze verplaatst, net zoals hij al wist dat hij de paardenraces zou beheersen. Iedereen die het leven lief had, wist ook dat de keizer zou winnen, want tegenstand in de race betekende de leeuwen.
Speciaal op het programma stond de tienspan, die Nero ook won. Dat hij twee keer uit de wagen viel, was bijzaak. Het applaus na de triomfen was warm, de toeschouwers blij dat ze nog leefden. Een grotere Olympische schande was onmogelijk.
(Algemeen Dagblad, 21 september 2000)

HET CITAAT
"Jij, Stratophon, bent na nauwelijks vier jaren boksen onherkenbaar niet alleen voor je medeburgers, maar zelfs voor de honden."
Uit een gedicht in de 2e eeuw na Christus over Stratophon, die stevig was toegetakeld bij het boksen op de klassieke Spelen.

UIT DEN OUDEN DOOSCH: OLYMPISCHE RAMSJ
In de serie 'Historical Dictionaries of Religions, Philosophies, and Movements' verscheen in 1995 'Historical Dictionary of the Olympic Movement' van Ian Buhanan en Bill Mallon. Beide auteurs zijn sporthistoricus en waren op het moment van verschijnen respektievelijk president en vice-president van de International Society of Olympic Historians (ISOH).
Hun kennis is erudiet, want zoals het hoort in een encyclopedie staan de belangrijkste atleten, bestuurders en Olympische begrippen alfabetisch gerangschikt. Per blokje wordt daarin summier en treffend omschreven waarmee of met wie we van doen hebben.
In het eerste deel worden kort alle Zomer- en Winterspelen behandeld, met veel informatie over de toewijzing en opmerkelijkheden van die editie. Een uitgebreide Olympische bibliografie en enkele ranglijsten maken dit werk zo compleet dat het altijd binnen handbereik moet zijn als je iets wil weten over de Olympische geschiedenis.

NIEUW!!
In Parijs in 1924 werd voor de eerste keer een Olympisch Dorp aangelegd, waar de sporters onderdak zouden kunnen vinden. Omdat het allemaal niet even goed was ingericht, besloot het meerendeel van de sporters gewoon in een hotel te slapen. Van de 152 Nederlanders in Frankrijk, lieten 24 zich verleiden naar het Dorp te gaan.

DE VRAAG
Gisteren werd gezocht naar de overeenkomst tussen de inwoners van Montreal, waar in 1976 de Spelen werden gehouden, en het voormalige West-Duitsland. Na de Duitse eenwording betalen de Westduitse belastingbetalers nog steeds de peperdure investeringen in de oude DDR, wat het enthousiasme bij met name de 'Wessies' bijzonder heeft verminderd. Zo is het in Montreal niet slim om met een t-shirt te lopen met de tekst 'Olympic Games 1976, Montreal', omdat de kosten van deze editie zo verschrikkelijk uit de klauwen zijn gelopen dat ze tot 1995 via een belastingverhoging moesten afbetalen. De prijs voor sigaretten in de provincie Quebec werd onder andere verhoogd, waarmee 879 miljoen dollar werd opgehaald. In eerste instantie was door misplanning, fraude, stakingen en chantage het tekort 2,6 miljard dollar, wat uiteindelijk 1 miljard werd. Het is wellicht deze affaire dat niet iedereen in het Canadese Toronto even blij is met het idee om daar snel de Spelen te organiseren.

Voor vrijdag: Johnny Weismuller was niet alleen een zwemmende legende, maar deed ook elders van zich spreken. Er zijn echter nog meer Olympische sterren die Weismuller's voorbeeld volgden. Een paar namen, graag.

AMERIKAANSE SPORTGESCHIEDENIS OP HET NET
Op deze site is ruimte genoeg om eens te grasduinen, met allemaal verschillende onderdelen. De maker heeft eveneens een soort afdeling 'Historische hebbedingetjes', maar dan voor de Amerikaanse geschiedenis. Nog niet het hele jaar is gevuld, maar er wordt aan gewerkt.
http://www.hickoksports.com/index.shtml HISTORISCH HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.
Op 21 september 1904 komen voor de enige keer op de Spelen in St. Louis vrouwen aan bod. Dat gebeurt bij het boogschieten, waar beide onderdelen worden gewonnen door de Amerikaanse Lida Howell.



Nummer 103, 20 september 2000


Inhoud
1. Olympische protesten (incidenteel)
2. Olympische protesten (in boekvorn)
3. Ooggetuige van het ware Olympisme
4. Verzoening
5. Olympische helden: ze is een man!
6. Het citaat
7. Uit den ouden doosch: Olympische ramsj
8. Nieuw!!
9. Olympische vrouwen op het net
10. De vraag (en meteen een Olympische oorlog)
11. Het historische hebbeding

OLYMPISCHE PROTESTEN (INCIDENTEEL)
Zoals bekend worden de huidige Spelen aangegrepen door aktiegroepen om het één en ander duidelijk te maken aan de wereldpers. Onder andere de Aboriginals hebben zich laten gelden, maar er gebeurt veel meer. Om op de hoogte te blijven van onder andere een aktie die vandaag wordt gevoerd, kijk je op:
http://www.cat.org.au/aoa/events.html

OLYMPISCHE PROTESTEN (IN BOEKVORM)
Na alle schandalen die de afgelopen jaren het IOC hebben geteisterd, lijkt het nu rustig op het front. Niets in minder waar, want zowel de onderzoeksjournalist Andrew Jennings als in Canada zijn boeken verschenen - of zijn nog in voorbereiding - over het functioneren van het IOC.
Het boek van Andrew Jennings werd al voor de zomervakantie gemeld in deze nieuwsbrief. Daarin toont hij aan dat onder andere in de Internationale Boksbond mensen werkzaam zijn die door de plaatselijke autoriteiten liever buiten de deur worden gehouden.
'Inside the Olympic Industry. Power, Politics, and Activism' van Helen Jefferson Lenskyj - hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Toronto - is een boek dat het IOC vooral wetenschappelijk onderzoekt. Wat misschien de moeite waard is voor de Nederlandse denktank, die zich wil bezighouden met het binnenhalen van grote evenementen, is datgene wat onder de loep wordt gehouden: de sociale, economische, politieke en milieu-technische invloeden van het organiseren van de Spelen.
Om meer te weten te komen over deze boeken, die helaas in Nederland pas doordringen tot het collectieve bewustzijn als de sales-manager van De Slegte ze al lang uit de schappen heeft gehaald, surf je naar:
http://www.ajennings.8m.com/ voor Andrew Jennings, en
http://www.sunypress.edu/NEW/newframe_hot.html voor Helen Jefferson Lenskyj

OOGGETUIGE VAN HET WARE OLYMPISME
Twee seconden voordat deze nieuwsbrief de digitale snelweg op wilde draaien, kwam deze mail uit Australië binnen. Daryl Adair van de Universiteit van Canberra citeerde daarin een verslag van Adam Mobbs, een student die de Spelen volgt als vrijwilliger van het organisatiecomité. Het betreft een verslag van de 'zwemrace' van Eric Moussambani, die voor de eerste keer van zijn leven zo'n groot bad zag en eigenlijk nog maar net kan zwemmen. 'Gisteren had ik de eer om het beste Olympische zwemmoment aller tijden te zien!!! Drie zwemmers en twee valse starts. Mijn hart hield op te slaan toen ik hun wanhopige blik zag. Maar wat daarna kwam, rukte mijn hart pas echt open. Eric Moussambani van Equatorial Guinea begon zijn honderd meter voor een enthousiast publiek. Ik schreeuwde alleen maar harder naarmate hij verder zwom. Het was fantastisch om iemand te zien, die nog geen 12-jarige jongen uit Australië kan verslaan, maar helemaal opgaat in zijn race. Na afloop zei hij: "Ik wil ook naar de Spelen van 2004. Ik houd van de Olympische Spelen."
Dit is de ware spirit. WIJ mogen Ian Thorpe, Michael Klim, Susie O'Neill en Keiren Perkins hebben, maar helaas hebben we geen Eric Moussambani.
Eric Moussambani, you are my Olympic hero.'

VERZOENING
Tijdens de opening van de Spelen vrijdag bleek hoe belangrijk dit evenement kan zijn voor de nationale en internationale verhoudingen, toen Noord en Zuid-Korea gezamenlijk door het stadion liepen. Het was een nieuw, belangrijk hoofdstuk in de eenwording van de twee landen.
Het IOC begreep al aan het begin van de vorige eeuw wat de rol is van politiek, in de aanloop naar de Eerste Wereldoorlog. Om een bijdrage te leveren aan politieke ontspanning besloot het IOC op een bijeenkomst in 1912 in Stockholm de editie van 1916 in Berlijn te organiseren. 'Er wordt in de wandelgangen van de olympische beweging nu nog hardop gefluisterd dat Berlijn de voorkeur kreeg in de hoop Wereldoorlog I te voorkomen', schreef J. Lolkama in 1992 in het boek 'Triomf en tragiek van de Olympische Spelen'. Het was tevergeefs, want het jaar 1916 werd uiteindelijk overgeslagen. Sterker nog: op de eerste na-oorlogse Spelen van 1920 in Antwerpen werden Duitsland, Oostenrijk, Hongarije en Turkije geweerd als verantwoordelijken voor de oorlog.
In 1952 mislukte een Olympische hereniging van West en Oost-Duitsland, nadat het IOC deze tevergeefs bij elkaar wilde brengen. De DDR weigerde en mocht niet meedoen. Om nieuwe uitsluiting te vermijden, werd op de volgende drie Spelen wel samengewerkt. Het grote verschil met nu was dat het niet ging om naar elkaar toe te groeien, maar om een podium te realiseren waarop de DDR zich kon etaleren. Daarin slaagde het land, want we kennen de DDR vooral nog als een gedrogeerd topsportland. Op de hereniging echter moest nog even worden gewacht.
(NRC Handelsblad, 20 september 2000)

OLYMPISCHE HELDEN: ZE IS EEN MAN
! In 1932 in Los Angeles won atlete Stanislawa Walasiewicz goud op de 100 meter voor Polen, alhoewel ze voor de Verenigde Staten had willen uitkomen. Pas in 1947 verkreeg ze het Amerikaanse staatsburgerschap. Met moeite, want veel Amerikaanse officials mochten haar niet wegens haar gedrag. Nadat Walasiewicz in 1980 bij een roofoverval in de parkeergarage van een warenhuis was vermoord, constateerde haar ex-echtgenoot met afgrijzen dat de autopsie-arts een explosief geheim had prijsgegeven: Walasiewicz was een man! Dat geheim had haar/zijn wederhelft zijn hele leven voor zich gehouden, maar het was nu dus toch uitgekomen.
(Algemeen Dagblad, 20 september 2000)

HET CITAAT
"Denkt U eraan, deze mensen zijn onze gasten."
De Amerikaanse official Bill Henry in 1932 in Los Angeles nadat het Amerikaanse publiek een Finse atleet uitjoelde na een vermeende overtreding op de 5.000 meter.

UIT DEN OUDEN DOOSCH: OLYMPISCHE RAMSJ
Een verzamelaar wil alles hebben. Als dat zo is, is Volker Kluge een goede, want hij heeft in het naslagwerk 'De Olympische Spelen van 1896 tot heden' uit het jaar1984 echt alles. Sterker nog: hij heeft meer dan de mensen die aan de Spelen hebben meegedaan zélf weten. Van alle edities heeft Kluge de uitslagen verzameld, wat een enorme toer is geweest met akelig veel archiefwerk. Veel rang- en pikordes vanuit het begin waren namelijk verloren geraakt door rommelig gedrag of oorlogshandelingen.
Ook - beter gezegd: juist! - de voetnoten aan het eind van elk hoofdstuk zijn heerlijk om door te vlooien. Tot nu toe was het mij bijvoorbeeld ontgaan dat in 1968 de nummer twee op de 100 meter schoolslag, Galina Prosoemensjtsjikova (Ik dacht: ik neem eens een willekeurig voorbeeld. Wat een naam!) uit de Sovjet-Unie, in 1972 onder de naam Stepanova meedeed. Goed, daar heeft niemand wat aan als het op leven en dood aankomt, maar heel veel andere noten brengen belangwekkender informatie, zoals het feit dat Jesse Owens geen Jesse heette, welke incidenten plaatsvonden tijdens een marathon, enzovoort.
Dat het verschijnen van dit boek ook in Nederland dankbaar werd ontvangen, blijkt in 'Olympische Spelen' van Kees Kooning en Bart de Ruyter. In heel kleine lettertjes zeggen ze hier dankbaar gebruik van gemaakt te hebben, maar zoiets begreep ik al toen ik hele lappen tekst letterlijk overgenomen zag. Dankbaar is een rekbaar begrip.

NIEUW!!
In 1920 waren er nog geen Olympische Winterspelen en had Antwerpen de primeur door ijshockey op het programma te plaatsen. Canada werd de eerste winnaar hiervan, alhoewel het geen landenteam was, maar de club Winnipeg Falcons. Vier jaar later werden in het Franse Chamonix de eerste Winterspelen georganiseerd.

OLYMPISCHE VROUWEN OP HET NET
Eerder deze week stond in de rubriek NIEUW!! dat in 1900 voor de eerste keer vrouwen mochten meedoen aan de Spelen. Op de site van het Algemeen Dagblad wordt ingegaan op de geschiedenis hiervan.
http://www2.ad.nl/os/Olympische_vrouwen/

DE VRAAG (EN METEEN EEN OLYMPISCHE OORLOG)
Gisteren luidde deze: de Spelen mogen niet worden vermengd met politiek, is de grondgedachte. Dat ging al vóor de eerste keer in 1896 mis. Sterker nog: door de Spelen werden bepaalde conflicten gestimuleerd. Wat was er aan de hand? Nadat het IOC had besloten de eerste moderne Spelen in Athene te houden, barstte daar een politieke strijd los. Wegens roerige tijden zat de regering van premier Tricoupis niet te wachten op een duur evenement, totdat De Coubertin zich naar Griekenland spoedde om de premier alsnog te overtuigen. Hij had een brief bij zich waarin Boedapest als alternatief werd genoemd. De premier glimlachte slechts en overhandigde hen enkele officiële stukken waarin de beroerde financiële positie was vastgelegd. De discussie werd echter vervolgd tot heel het land in beroering was gebracht.
Ideaal moment voor een politicus dus die aandacht wil, wat oppositieleider Delyannis ook begreep en zichzelf uitriep tot voorstander. De Coubertin gooide nog meer politieke olie op het vuur door kroonprins Constantijn in te schakelen, die daarop inging in de hoop de Griekse monarchie te versterken. Tricoupis raakte in het nauw, viel in 1895 van zijn voetstuk (door een andere affaire overigens) en werd opgevolgd door Delyannis. De eerste Spelen waren uiteindelijk in Athene, maar de interne verhoudingen waren wel grondig verstoord.

Voor morgen weer de vrije associatie: wat hebben de inwoners van Montreal, waar in 1976 de Spelen werden gehouden, en het voormalige West-Duitsland met elkaar gemeen?

HET HISTORISCHE HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.

Op 20 september 1978 speelt het Nederlands Elftal een EK-kwalifikatiewedstrijd tegen IJsland en wint deze met 3-0.


Nummer 102, 19 september 2000


Inhoud
1. Denktanken: twee reakties
2. Olympische Helden: de eerste Olympische held
3. Het citaat
4. Olympische Oorlogen: het bloedbad
5. Uit den ouden doosch: Olympische ramsj
6. Nieuw!!
7. De vraag
8. Historisch hebbeding

DENKTANKEN: TWEE REAKTIES
Het denktanken van gisteren over het al dan niet organiseren van grote sportevenementen in Nederland, zoals de Olympische Spelen, heeft reakties opgeleverd van Peter-Jan Mol en Sjoerd Olfers. Ze reageerden op de vragen die ik had gesteld over het nut en de waarde van toernooien in Nederland. Allereerst de economische impuls.
'Euro 2000 heeft wel degelijk een economsiche impuls gegeven aan ons land,' schrijft Olfers. Wat dacht je van de horeca inkomsten, hotel-bezettingen, souvenierverkoop, attractie-inkomsten en bouwactiviteiten, die weer nieuwe banen hebben opgeleverd. Wellicht heb jij zelf de economische impuls niet direct in jouw portemonnee gevoeld maar ze was er wel.'
Mol sluit zich hierbij aan: 'Hiernaar is onderzoek verricht door bureau Meerwaarde. Volgens mij zijn de resultaten nog niet bekend, maar dit onderzoek heeft al wel veel media-aandacht gehad, doordat Meerwaarde tevoren ook schattingen heeft gedaan van de te verwachten opbrengst (aanmerkelijk lager dan de overheid zich had laten voorberekenen, geloof ik). In ieder geval staat volgens mij vast dat het toernooi economische winst opgeleverd heeft.'
Ook de ontwikkeling van de top- en breedtesport is volgens beiden gestimuleerd, alhoewel dat niet altijd is te meten. Wél meetbaar is bijvoorbeeld de stadioncapaciteit, die is toegenomen. Een lijstje van Olfers: 'De Kuip is overdekt en geheel gerenoveerd; de Arena is er gekomen; het Philipsstadion is uitgebouwd van een capaciteit van 24.500 naar een capaciteit van nu bijna 40.000; het Gelredome is in Arnhem verrezen; Club Brugge heeft een vernieuwd groot stadion; Charlerois heeft een nieuw groot stadion en het Koning Boudewijn Stadion is geheel gerenoveerd en vergroot.'
Veel veranderingen waren al gepland, beaamt Olfers. 'Correct, maar zonder het vooruitzicht van een groot evenement als Euro 2000 waren al deze stadions veel later (of niet) tot stand gekomen. Waarbij ik nog zou willen opmerken dat de grootte van de laatst genoemde stadions toch vooral conform de markt moeten blijven. Dus een club die gemiddeld 10.000 mensen trekt, moet nooit een stadion bouwen met 40.000 plaatsen.'
Mol verwijst verder naar een recent onderzoek van sportsocioloog Maarten van Bottenburg naar het topsportklimaat in Nederland. Daarin wordt bewezen dat landen die de Olympische Spelen organiseren betere resultaten halen dan tijdens de vorige Spelen. Ook levert het inderdaad een verbetering aan de sportinfrastructuur op.
De positieve antwoorden vallen na één dag discussie en twee reakties al op. We moeten hier zowiezo tevreden zijn, want Mol wijst er tot slot op hoeveel grote evenementen hier zijn geweest de afgelopen vijf jaren: ijshockey, voetbal (Euro 2000 en de finale van de Champions League), tafeltennis, volleybal, Special Olympics, de Gay Games, tennis (Rotterdam, Rosmalen en Amsterdam), wielrennen (het WK en de Tour de France).
Mol: 'Ga dan eens kijken naar vergelijkbare landen qua grootte, aantal inwoners, die daar op kunnen buigen, dan denk ik dat dit een zeer positieve balans oplevert. Waarbij je wel kunt aantekenen dat hier veel particulier initiatief bijzit en er niet altijd een even grote rol voor de overheid bijzit, maar toch.'
Dat is voor de volgende keer: de rol van de overheid bij het binnenhalen van grote evenementen, vanuit historisch perspectief. Leuk in de week van Prinsjesdag. En iedereen mag natuurlijk blijven reageren.

OLYMPISCHE HELDEN: DE LEVENDE LEGENDE
Vandaag precies 78 jaar geleden is de Tsjechische atleet Emile Zatopek geboren. Toen hij in 1952 het wedstrijdschema zag, schreef hij zich in voor de vijf en tien kilometer én de marathon. Dat laatste onderdeel had hij nog nooit officieel gelopen. Na het winnen van alle afstanden gaf het Finse publiek hem terecht een staande ovatie. Ook in 1948 was hij zo snel dat de rondetellers van schrik te vroeg de laatste ronde aangaven. Zatopek had veel moeite met zijn sterstatus: zijn vrouw Dana - óók een superatleet- zei dat haar man niet meer op straat durfde.
(Algemeen Dagblad, 19 september 2000)

HET CITAAT
"Wat vind je van het tempo?"
"Te langzaam."

De onervaren Zatopek vraagt in de marathon van 1952 aan zijn rivaal Jim Peters of het snel genoeg gaat. Na het antwoord ontsnapt Zatopek en geeft Peters op met kramp.

OLYMPISCHE OORLOGEN: HET BLOEDBAD
Vlak voordat de Spelen van 1956 in Melbourne begonnen was de Sowjet-Unie Hongarije binnengevallen, en boycotte onder andere Nederland deze Spelen uit protest daartegen. De waterpolowedstrijd tussen de twee landen kwam opeens in een heel ander daglicht te staan, en liep zodoende ook volkomen uit de hand. De 5.500 toeschouwers hadden daarin een groot aandeel door de Russen uit te dagen tot een vechtpartij, dat door ingrijpen van officials net werd voorkomen. Tijdens het duel zelf kleurde het water regelmatig rood door het bloed. De Hongaar Ervin Zador verliet het bad met een gapende hoofdwond na een klap, die wél boven water was uitgedeeld. "Telkens als wij een goal maakten, beten zij ons toe dat we fascisten waren," zei de Hongaarse aanvoerder Gyarmati na afloop. Desondanks won zijn ploeg met 4-0. Na afloop boden de Russen hun excuses nog wel aan en zagen ze uiteindelijk dat de finale werd gewonnen door 'de fascisten'.
Het publiek betuigde dat jaar meer zijn sympathie voor het binnengevallen land. De speaker bij de ontmoeting tussen de Hongaars en Russische schermploegen zag zich zelfs gedwongen om de aanwezigen op te roepen zich sportiever te gedragen. "Het publiek wordt gemaand te beseffen," hoorden de aanwezigen, "dat sportiviteit de nationale slagboom overschrijdt, en onpartijdiger te zijn bij het applaudisseren."
Maar gelukkig won de liefde ook nog een wedstrijd: in Melbourne werden de Amerikaan Harol Connolly en de Tsjechische Olga Fikatova verliefd en trouwden niet veel later. De wereld keek vertederd toen voor even het IJzeren Gordijn niet bestond.
(NRC Handelsblad, 19 september 2000)

UIT DEN OUDEN DOOSCH: OLYMPISCHE RAMSJ
Toen in 1987 het Nederlands Olympisch Comité 75 jaar bestond, werd dat gevierd met het boek 'Kroniek Olympische Spelen', waarin een achttal auteurs (waaronder Ruud Paauw, Lex Muller en Matty Verkamman) zowel de geschiedenis van alle Spelen tot en met 1984 behandelen als de geschiedenis van het NOC zelf. Het is in dit genre voor Nederlandse begrippen de bijbel van de Olympische geschiedenis geworden, vanwege het enorme aantal historische details dat is opgenomen in de kleine 400 pagina's.
Wat het boek compleet maakt, zijn de hoofdstukken waarin het NOC zelf aan bod is en waarin het IOC en zijn verschillende achtergronden worden beschreven. De aparte hoofdstukken over vrouwen op de Spelen of doping geven veel informatie, die dit boek ideaal maakt - samen met vele anderen overigens - als naslagwerk. Als Olympisch liefhebber zonder dit boek binnen handbereik, ontzeg je jezelf te veel.

NIEUW!!
Gisteren al werd vermeld dat het openingsdefilé, inclusief de landenploegen en vlaggen, werd geïntroduceerd in 1906 op de Interim Spelen in Athene. In 1920 in Antwerpen werd een groot aantal nieuwe rituelen ingevoerd, die we nu nog kennen.
De Olympische vlag, door De Coubertin zelf ontworpen, was hier voor de eerste keer. De vijf ringen symboliseren alle nationale vlaggen van dat moment, omdat minstens één kleur van de ringen ook was opgenomen in willekeurig welke nationale vlag. Later werd nog de symboliek toegevoegd van de vijf continenten, die met elkaar zijn verbonden.
Ook de Olympische eed is in Antwerpen voor de eerste keer uitgesproken, net zoals de duiven die aan het begin worden losgelaten, als symbool voor de vrede.

DE VRAAG
Nog even naar gisteren: wat is de overeenkomst tussen de Russische Revolutie van 1917 en de eerste moderne Spelen in Athene in 1896?
Hele vrije associatie hebben we hier nodig, waarbij de gisteren gegeven hint allereerst aandacht verdient. De vrouw met de opmerkelijke neus was Cleopatra van het oude Egypte, die een romance had met Julius Caesar. Bij een bezoek aan Rome had zij sterrenkundigen meegenomen, die constateerden dat de daar gebruikte kalender hopeloos was verouderd en toe was aan vervanging. Zo geschiedde: de Juliaanse kalender werd ingevoerd, vanwege de grote praktische voordelen als het goed kunnen voorspellen van iets als oogsttijd. Maar ook omdat Caesar niet meer wist wat hij als geschenk moest geven aan iemand die alles al had, besloot hij Cleopatra een nieuwe tijdrekening te geven.

Goed, nu terug naar de sport. Zowel de Revolutie als de Eerste Spelen vonden plaats in het tijdperk van deze Juliaanse kalender, toen bij ons al lang een nieuwe hervorming had plaatsgevonden. Daarom verschillen de data waarop deze gebeurtenissen plaatshadden: de Spelen zijn volgens onze tijdrekening van 6 tot 15 april geweest, maar in Athene was het toen 25 maart tot 3 april. En de Oktoberrevolutie in Rusland herdenken we tegenwoordig in november. Voor morgen: de Spelen mogen niet worden vermengd met politiek, is de grondgedachte. Dat ging al vóor de eerste keer in 1896 mis. Sterker nog: door de Spelen werden bepaalde conflicten gestimuleerd. Wat was er aan de hand?

HISTORISCH HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.

Naast de geboortedag van Emile Zatopek op 19 september 1922 kwam deze dag ook de bokser Willie Pep uit de Verenigde Staten ter wereld. Oorspronkelijk was hij Italiaan met de naam William Papaleo, die in 1942 het wereldkampioenschap verdergewicht bij elkaar sloeg. Ondanks een vliegtuigongeluk herstelde hij van zijn zware verwondingen en vocht zich terug tot op het hoogste niveau.


Nummer 101, 18 september 2000


Inhoud
1. Denktanken
2. Interim Spelen
3. Olympische Helden (1): de eerste Olympische held
4. Het citaat (1)
5. Olympische Helden (2): de koningin van 1936
6. Het citaat (2)
7. Olympische Oorlogen: in een lijkgeur
8. Nieuw!!
9. Amsterdam 1928 op het net
10. De vraag
11. Het citaat

DENKTANKEN
De plannen om meer grote sportevenementen naar Nederland te halen, worden steeds serieuzer. De Volkskrant van zaterdag schreef over een notitie, waarin voorstellen worden gedaan hoe dit kan worden gerealiseerd. En in Sydney is een bijeenkomst gepland waar ook zal worden gepraat over het eventueel organiseren van de Olympische Spelen in Nederland. Een denktank is in voorbereiding, aldus staatssecretaris Vliegenthart van Sport, om structuur aan te brengen in de ontwikkeling. 'Uit het veld' heeft besloten nu al te gaan denken. Het succes van Euro 2000, toen de ruiten vooral bij onze vrienden in België sneuvelden, heeft een grote invloed gehad op de huidige tendens om topsportevenementen hierheen te halen. Op één of andere manier is nu de conclusie getrokken dat dit goed is geweest voor ons land, maar waarom weten we eigenlijk nog steeds niet. Was het goed voor de economie? Zo ja, waar blijkt dat uit? Was het goed voor de ontwikkeling van de top- en breedtesport in Nederland? Zo ja, waar blijkt dat uit? Was het goed voor de naamsbekendheid voor Nederland? Zo ja, waar blijkt dat uit? Of was het een leuk speeltje voor mannen en vrouwen met aanzien, die zich in de VIP-ruimtes van hun natje en droogje hadden voorzien? Zo ja, zak er dan maar in.
Laat de initiatiefnemers eerst uitleggen waarom grote toernooien hierheen moeten komen. Als het is om nieuwe sportlocaties te realiseren, hebben ze een punt, want zoals staatssecretaris Vliegenthart al zei is het vreemd dat de Nederlandse topzwemmers in eigen land geen zwembad hebben voor topwedstrijden. Maar dan had Euro 2000 gebruikt kunnen worden om de voetbalstadions eens flink uit te breiden, wat niet is gebeurd. Een automatisme is het dus niet.
Het komt er heel simpel op neer dat de achtergronden van de huidige wensen voor iedereen zichtbaar worden, zodat we weten waarover we praten. Gewoon bij het begin beginnen, om dan weer eens verder te kijken. Ook is er het probleem dat tot op heden Nederland vooral goed is in het mislopen van evenementen. Hoe wordt dat in de toekomst voorkomen? Dat is het onderwerp voor morgen.
Iedereen die zich geroepen voelt mee te denktanken is van harte uitgenodigd.
Het Volkskrant-artikel staat op:
http://www.volkskrant.nl/nieuws/nederland/350033285.html?history=/i335020922

INTERIM SPELEN
Deze weken brandt bij velen weer het Olympisch vuur. Na ruim een eeuw moderne Spelen is dit evenement 's wereld grootste en meest invloedrijke. Daarmee vergeten we echter hoe moeizaam de start is geweest na met name de complete fiasco's van 1900 en 1904 in respectievelijk Parijs en het Amerikaanse St. Louis. Die twee Spelen stonden geheel in de schaduw van de Wereldtentoonstelling, die tegelijkertijd in die steden werd georganiseerd. Hoe gering de Olympische gedachte toen was, blijkt uit het feit dat veel winnaars hun hele leven niet hebben geweten dat ze ooit Olympisch kampioen waren geworden. En in 1904 werden etnische groepen als Pygmeeën en indianen op een schandalige manier de ring ingestuurd door de naar sensatie hunkerende blanke Amerikanen.
De redding in die tijd zijn de zogenaamde Interim Spelen van 1906 in Athene geweest. Het was de bedoeling deze elke vier jaar te houden, maar dat ging niet door. Veel sporthistorici nu weigeren de Interim Spelen te erkennen als een serieus onderdeel van de Olympische geschiedenis, wat Ian Buchanan en Bill Mallon verbaast in het boek 'Historical dictionary of the Olympic Movement'. "Die mensen negeren de waarde van deze Spelen, die de redding zijn geweest van de Olympische gedachte," schrijven ze. "Hier werd ook de openingsceremonie geïntroduceerd, met de landenteams en de vlaggendragers."
Hun conclusie is duidelijk: "De Interim Spelen waren Olympischer dan de Spelen van 1900 en 1904." En daarin hebben ze groot gelijk, want wat hoe Olympisch is een festijn als de deelnemers zelf niet eens weten dat ze Olympisch zijn?
(NRC Handelsblad, 18 september 2000)

OLYMPISCHE HELDEN: DE EERSTE OLYMPISCHE HELD
Het Griekse publiek in 1896 op de eerste moderne Spelen in Athene was al in een overwinningsroes voordat landgenoot Spiridon Louis de marathon op zijn naam schreef. Louis haastte zich trouwens niet: onderweg dronk hij landwijn en wat cognacjes. "Ik ga pas hardlopen," vertelde hij zijn publiek, "als het écht moet."
In 1936 ontmoette hij Hitler op de Spelen in Berlijn, waardoor veel Grieken de oorlog overleefden. Na een arrestatie pakte de ongelukkige een foto van Louis, die familie zou zijn. De Duitsers geloofden dat vaak en lieten de man daarop weer vrij.
(Algemeen Dagblad, 16 september 2000)

HET CITAAT
"Een Griek is de eerste!"
De officier van politie in Athene, die in 1896 de komst van marathonloper Spiridon Louis aankondigt in het Olympisch Stadion.

OLYMPISCHE HELDEN (2): DE KONINGIN VAN 1936
Haar hele leven heeft Rie Mastenbroek het moeten horen als ze vertelde over haar successen op de Spelen van 1936 in Berlijn: "Oh, dat waren toch de nazi-spelen?" Jesse Owens was de koning, maar wie kent Mastenbroek nog als dé sensatie van de zwemkampioenschappen? Goud op de 100 en 400 meter vrije slag en bij de 4 x 100 meter vrije slag. Zilver op de 100 meter rugslag, met goud voor landgenoot Nida Senff, die nog moest terugzwemmen na een gemist keerpunt. Goed, het was in Berlijn, maar ondanks alles was Mastenbroek de beste.
(Algemeen Dagblad, 18 september 2000)

HET CITAAT (2)
"Daar zul je spijt van krijgen."
Rie Mastenbroek op de Spelen van 1936 nadat de Deense Ragnild Hveger haar geen bonbon wilde geven. Mastenbroek werd eerste op de 400 meter, Hveger tweede.

OLYMPISCHE OORLOGEN: IN EEN LIJKGEUR
Als gevolg van de Eerste Wereldoorlog waren de Spelen in 1920 in Antwerpen niet het hoogtepunt van luxe. De Nederlandse voetballers bijvoorbeeld werden ondergebracht in een muffe, te kleine boot op de Schelde waar niets was te beleven. Muiterij en zuipgelagen waren het gevolg, maar dat viel in het niets bij wat de Amerikaanse ploeg moest doorstaan onderweg naar de Oude Wereld. Deze atleten zaten namelijk op een boot - de Princess Mataïko - die tijdens de oorlog was gebruikt om lijken van gevallen soldaten te vervoeren. Overal hing een scherpe formolgeur waar veel sporters ziek van zijn geworden, om nog niet eens te praten over de heftig oplopende irritaties. Er zijn daadwerkelijk klappen gevallen, maar uiteindelijk heeft de VS 41 gouden medailles gewonnen. Over de terugreis weet ik niets te vertellen.

NIEUW!!
Op de Spelen van 1900 in Parijs werden voor de eerste keer vrouwen toegelaten. Niet veel overigens: bij de 1344 deelnemers zaten twaalf dames. Het toelaten van vrouwen werd niet goed ontvangen bij Pierre de Coubertin, die niet gelukkig was van het idee dat zij ook zouden meedoen. De kop was er echter af en zou wat atletiek betreft de grote doorbraak hebben in 1928 in Amsterdam. De Britse tennisster Charlotte Cooper was de eerste vrouwelijke Olympische kampioen in de moderne tijd.

AMSTERDAM 1928 OP HET NET
Misschien iets voor iedereen die graag wil dat de Spelen naar Nederland komen. Een virtueel museum over de Spelen van 1928 in Amsterdam staat op http://members.nbci.com/_XOOM/MaasTR/basis1.htm

DE VRAAG
Vrijdag was de vraag: deze Spelen worden voor de 24e keer gehouden in de moderne tijd. In de hoeveelste Olympiade zitten we?
Zo moeilijk is het niet, alhoewel diverse persinstanties moeite hebben verschil te maken tussen Olympische Spelen en Olympiades, de periode van vier jaar tussen twee Spelen. Het is nu de 27e Olympiade, maar omdat door de Wereldoorlogen de Spelen van 1916 (Berlijn), 1940 (Tokio, later Helsinki) en 1944 (Londen) niet doorgingen zijn er tot nu toe dus 24 Spelen geweest.

Voor morgen de vrije associatie: wat is de overeenkomst tussen de Russische Revolutie van 1917 en de eerste moderne Spelen in Athene in 1896? Hint: het begon allemaal met een legendarisch historisch figuur dat tot op zijn oren verliefd was op een vrouw met een opmerkelijke neus.

HET HISTORISCHE HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag.
Op 18 september 1983 werd Feyenoord genadeloos van de mat geveegd door Ajax met 8-2. In dat jaar speelden Johan Cruijff en Ruud Gullit bij Feyenoord.


Nummer 100, 15 september 2000


Inhoud
1. Samaranch opent voetbaloorlog met FIFA
2. IOC zoekt wetenschappers
3. Olympische held: de held met het vuur
4. Olympische oorlogen: Hier die vlag!
5. Nieuw!!
6. Uit den ouden doosch: Olympische ramsj
7. De vraag
8. Het citaat
9. Een historisch hebbeding

SAMARANCH OPENT VOETBALOORLOG MET FIFA
IOC-voorzitter Samaranch wil het Olympische voetbaltoernooi opwaarderen door ook de beste profvoetballers te laten spelen op de volgende editie van 2004, aldus het NRC Handelsblad gisteren. Deze opmerking kan de komende maanden een heerlijk spektakel opleveren, omdat de relatie tussen de voetballers en het IOC bijzonder explosief kan zijn.
Voetbal is namelijk de enige sport op de wereld waar het behalen van een Olympische medaille van minder waarde is dan het winnen van de wereldtitel. Alle andere belangrijke sporten daarentegen vinden het hoogtepunt op de Spelen, alhoewel ze ook hun eigen mondiale toernooien organiseren. Dat is niet altijd zo geweest, want tot 1928 in Amsterdam was ook voor de voetballers het Olympische voetbaltoernooi het belangrijkste podium waarop gespeeld kon worden. Omdat in die tijd professionals onder geen enkele omstandigheid mochten meedoen aan de Spelen, bleven 's werelds beste voetballers thuis.
Daarom werd in 1930 het eerste Wereldkampioenschap Voetbal georganiseerd, met gastland Uruguay als eerste kampioen, net als op de Olympische Spelen van 1924 en 1928. Het maakte de Zuid-Amerikanen dus niet uit of ze nou tegen betaalde of onbetaalde voetballers moesten spelen: ze waren gewoon de beste. In 2004 kan dus een einde komen aan deze scheiding der machten, maar dat zal een ongekend spektakel opleveren. Want als Samaranch er in slaagt om profvoetballers toe te laten, komen er twee belangrijkste voetbaltoernooien, en dat kan nu eenmaal niet. Met zulke concurrentie zal de wereldvoetbalbond FIFA niet gelukkig zijn, om nog niet te spreken over de bonden in de landen zelf, die zich eerder al keerden tegen het plan van FIFA-voorzitter Blatter om het WK elke twee jaar te organiseren, in plaats van vier. En met het invoeren van het plan-Samaranch komt dat op hetzelfde neer.
Het plan botst ook met de Europese Voetbalbond UEFA, die nu zijn Europees Kampioenschap bedreigd ziet, omdat dat gespeeld wordt in het jaar van de Spelen. Een toptrainer kan nog zoveel roulatiesystemen invoeren, maar het kan nooit voldoende zijn om veel van zijn spelers in één zomer twee internationale toernooien te laten uitkomen. Om bij thuiskomst meteen weer de competitie te moeten spelen en de Champions League of UEFA Cup. Het gaat natuurlijk om geld, en dat weten we allemaal. Een Olympische Spelen met de topvoetballers trekt toeschouwers, trekt kijkers, trekt adverteerders, trekt miljarden dollars aan. Samaranch zoekt nu naar eeuwige roem door naar driekwart eeuw het beste voetbal op de Spelen terug te krijgen. Als voetbal nog geen oorlog was, wordt het nu. Want we hoeven ons er geen zorgen over te maken dat de gevechtskleding bij de FIFA en het IOC al klaar liggen. Als Samaranch écht serieus is, vallen de huidige ontwikkelingen in het internationale voetbal volkomen in het niet bij wat komen gaat.
(NRC Handelsblad, 15 september 2000)

IOC ZOEKT WETENSCHAPPERS
Het Olympisch Studie Centrum van het IOC zoekt wetenschappers, die onderzoek willen doen naar de geschiedenis van de Olympische beweging. In hoeverre hebben de Spelen gevolgen voor de huidige samenleving en cultuur, is de centrale vraag die het IOC zich stelt.
In samenwerking met archivarissen en specialisten moet het Olympische archief worden bestudeerd en worden gezocht naar andere bronnen. Het onderzoek moet leiden tot een publicatie.
Iemand met interesse moet minimaal een universitaire studie hebben afgerond en werken aan promotie. Uiterlijk 1 december a.s. moet de sollicitatie zijn ontvangen.
Kijk op
http://www.museum.olympic.org/e/studies_center/grant_program_2001_e.html

OLYMPISCHE HELD: DE HELD MET HET VUUR
De Finse atleet Paavo Nurmi had op de Spelen in 1932 zijn tiende gouden medaille kunnen winnen als het Zweedse IOC-lid Sigfrid Edström, tevens voorzitter van de Internationale Atletiekunie, hem niet had uitgesloten wegens professionalisme. Nurmi had ooit te veel kosten gedeclareerd en kon vertrekken, aldus de Zweed. De diplomatieke relatie tussen Zweden en Finland verslechterde hierna voor korte tijd.
Op de Spelen van 1952 in Helsinki kwam Nurmi onverwacht met het Olympische Vuur het stadion in bij de openinsgceremonie met Edström als toeschouwer, maar toen als IOC-voorzitter. Het Finse publiek schreeuwde zijn held toe: "Paavo! Paavo!" De Fin had wraak genomen.

OLYMPISCHE OORLOGEN: HIER DIE VLAG!
Amerikanen en Britten liggen elkaar toch al niet, maar op de Spelen van 1908 in Londen keken ze elkaar al helemaal niet meer aan. Alle nationale vlaggen van de deelnemende landen hingen tijdens de opening in het stadion, maar de Amerikanen - en de Zweden - konden hun exemplaar nergens vinden. Ze werden pas echt boos, toen de Britten zeiden dat ze geen goede vlag konden vinden.
Als wraak weigerde de Amerikaanse ploeg de traditionele groet te maken, door de vlag niet even te laten dalen toen ze de koning passeerde. Kom je aan de monarch, dan kom je weer aan de Britten, die ook weer pissig werden. De opmerking van de Amerikaan Martin Scheridan was al helemaal olie op het vuur: "De vlag van de Verenigde Staten nijgt niet voor een aardse koning."
Tijdens het atletiektoernooi ontspoorde dit conflict, toen de jury - geheel Engels - de Amerikaan Carpenter uitsloot voor de 400 meter, na een meningsverschil over al dan niet duwen in de sprint. Zijn landgenoten verschenen daarop ook niet de start, zodat de race uit éen persoon bestond! Die won ook goud, afgemeten zelfs. Door dit incident is het daarna wel verplicht gesteld dat de leden van de jury voortaan uit verschillende landen afkomstig moesten zijn.

NIEUW!!
De Grieken moesten er wel om lachen in 1896, toen alle atleten op de 100 meter sprint in een andere starthouding waren opgesteld. Eentje stond rechtop, de ander stond geknield en Tom Burke uit de VS stond in de houding die we nu allemaal kennen bij de sprint: geknield met de vingers op de baan. Iedereen verwachtte dat hij met zijn neus op de baan zou vallen na het startschot, maar hij won afgetekend. Sindsdien is de 'Burke-starthouding' de standaard.

UIT DEN OUDEN DOOSCH: OLYMPISCHE RAMSJ
De beroemde sportjournalist Jan Cottaar schreef in 1964, naar aanleiding van de Spelen in Tokio, het driedelige 'Van Olympus tot Fujijama. In het eerste deel is de geschiedenis van de klassieke Spelen en de verschillende edities beschreven, die aan Tokio vooraf waren gegaan. Het tweede deel blikt vooruit en in het laatste boek kijkt de schrijver terug op wat is gebeurd in Tpokio.
Cottaar's serie bevat veel wetenswaardigheden, inclusief de prestaties van de Nederlanders op de Spelen. De oude foto's erbij maken het nog leuker, alhoewel ze nu en dan wat flets zijn. Deze serie ligt bovengemiddeld vaak in tweedehands boekwinkels, voor een prettige prijs.

DE VRAAG
Vorige keer was de vraag: de Spelen zitten vol met tradities en gewoonten die elke keer terugkomen. Met deze gedachte in het achterhoofd graag het antwoord op wat zo opmerkelijk was aan de Spelen van 1956 in Melbourne.
Omdat in Australië de quarantainevoorschriften zo streng waren, besloot het IOC tot een unieke daad: de ruiterwedstrijden werden gehouden in Stockholm. Zodoende dat een gedeelte van de Spelen dus aan de andere kant van de wereld was, net zoals - waar het nu om gaat - het Olympisch vuur. Zodoende brandde op twee plaatsen in de wereld het Olympische vuur.

Deze Spelen worden voor de 24e keer gehouden in de moderne tijd. In de hoeveelste Olympiade zitten we?

HET CITAAT
"Bij de twee generale repetities was ik over de draden heen gestapt. Nu bleef ik doorglijden, met geheven hoofd, in de overtuiging dat de baan was vrijgemaakt."

(Fakkeldrager Guido Caroli op de Winterspelen van 1956, nadat hij met het Olympisch Vuur was gestruikeld over microfoonkabels.)

EEN HISTORISCH HEBBEDING
De nozel- of onnozelheid van vandaag,
die niet per sé Olympisch hoeft te zijn.
Vandaag viert de Koninklijke HFC uit Haarlem zijn 121e verjaardag en is daarmee de oudste voetbalclub in het land.